Uitspraak · Civiel recht
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 15 februari 2017
ECLI:NL:OGEAA:2017:99Zaaknummer A.R. no. 803 van 2015
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 15 februari 2017
- Publicatiedatum
- 21 februari 2017
- Zaaknummer
- A.R. no. 803 van 2015
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Civiel. Schadevergoeding.
3 DE BESLISSING
Het Gerecht:
in conventie
-veroordeelt [Y] om aan [X] te betalen Afl. 18.835,--, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 27 maart 2015 tot aan de dag der algehele voldoening;
-veroordeelt [Y] in de conventionele proceskosten gevallen aan de zijde van [X], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 945,78 aan verschotten en Afl. 2.000,-- aan salaris voor de gemachtigden;
-verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
-wijst af het meer of anders door [X] verzochte;
in reconventie
-wijst af het door [Y] verzochte;
-veroordeelt [Y] in de reconventionele proceskosten gevallen aan de zijde van [X], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 3.000,-- aan salaris voor de gemachtigden.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 15 februari 2017 in aanwezigheid van de griffier.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Vonnis van 15 februari 2017
Behorend bij A.R. no. 803 van 2015
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS in de zaak van:
[X],
wonende in Aruba,
eiser in conventie, verweerder in reconventie,
hierna ook te noemen: [X],
gemachtigden: de advocaten mrs. Chris Lejuez en P.A.J. van der Biezen,
tegen:
[Y],
h.o.d.n. [YY],
wonende en gevestigd in Aruba,
gedaagde in conventie, eiser in reconventie,
hierna ook te noemen: [Y],
gemachtigden: de advocaten mrs. I.R. Wever en A.A. Ruiz.
1 DE PROCEDURE
in conventie en in reconventie
Het verloop van de procedure tot 2 november 2016 blijkt uit het tussenvonnis van dit Gerecht van die datum. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit:
-het schrijven van mr. Ruiz voornoemd van 22 november 2016 inhoudende de opgave van (de personalia van) twee door [Y] beoogde door hem voor te brengen getuigen (waaronder begrepen [Y] als zijnde partijgetuige);
-het schrijven van mr. Ruiz voornoemd van 28 november 2016, onder meer inhoudende de volgende mededeling: “De getuigen hebben door hun moverende reden afgezien om aan het getuigenverhoor, welke hedenochtend staat gepland, mee te doen. Cliënt (…) refereert zich aan Uw oordeel.”;
-de naar aanleiding van voormelde mededeling op 28 november 2016 door dit Gerecht gegeven rolbeschikking waarbij de zaak voor vonnis is gesteld op 25 januari 2017.
Vonnis is nader bepaald op heden.
2 DE VERDERE BEOORDELING
in conventie en in reconventie
Het Gerecht volhardt in zijn in het tussenvonnis neergelegde overwegingen en beslissingen.
[Y] heeft om voor hem moverende redenen geen gebruik gemaakt van de aan hem geboden gelegenheid om door het doen horen van getuigen tegenbewijs te leveren tegen het in het tussenvonnis onder 3.6.2 aangenomen rechterlijk vermoeden of het voorshandse oordeel dat [Y] degene is geweest die bedoelde bij partijen genoegzaam bekende plafondplaten heeft beschadigd of heeft laten beschadigen door daar gaten in aan te brengen. Dat rechterlijk vermoeden of voorshandse oordeel komt daarom vast te staan. Dat brengt onder verwijzing naar overweging 3.6.1 in verbinding met overweging 3.3.8 van het tussenvonnis mee dat [Y] ter zake van onrechtmatig weggenomen en stuk gemaakte plafondplaten zal worden veroordeeld om aan [X] ten titel van schadevergoeding te betalen
Afl. 3.035,--, te vermeerderen met wettelijke rente zoals onbestreden gevorderd door [X].
Resumerend geldt in conventie dat [Y] zal worden veroordeeld om ten titel van schadevergoeding uit onrechtmatige daad aan [X] te betalen (4.750,-- + 3.035,-- + 31.050,-- minus 20.000,-- ten titel van verrekening met dat door [X] aan [Y] verschuldigde bedrag =) Afl. 18.835,--, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 27 maart 2015.
[Y] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van de procedure in conventie gevallen aan de zijde van [X], tot aan deze uitspraak begroot op (750,-- + 195,78 =) Afl. 945,78 aan verschotten en Afl. 2.000,-- aan salaris voor de gemachtigden (2 punten van liquidatietarief 4, ad Afl. 1.000,-- per punt).
3 DE BESLISSING
Het Gerecht:
in conventie
-veroordeelt [Y] om aan [X] te betalen Afl. 18.835,--, te vermeerderen met wettelijke rente gerekend vanaf 27 maart 2015 tot aan de dag der algehele voldoening;
-veroordeelt [Y] in de conventionele proceskosten gevallen aan de zijde van [X], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 945,78 aan verschotten en Afl. 2.000,-- aan salaris voor de gemachtigden;
-verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
-wijst af het meer of anders door [X] verzochte;
in reconventie
-wijst af het door [Y] verzochte;
-veroordeelt [Y] in de reconventionele proceskosten gevallen aan de zijde van [X], tot aan deze uitspraak begroot op Afl. 3.000,-- aan salaris voor de gemachtigden.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 15 februari 2017 in aanwezigheid van de griffier.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.