Uitspraak · Ambtenarenrecht

Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 22 juli 2026

ECLI:NL:OGAACMB:2026:54Zaaknummer AUA202500243

Instantie
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Datum uitspraak
22 juli 2026
Publicatiedatum
24 augustus 2026
Zaaknummer
AUA202500243
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Ambtenarenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

het e-mailbericht is noch een beschikking noch een handling - niet ontvankelijk

BESLISSING

De rechter in dit gerecht:

- verklaart het bezwaar niet-ontvankelijk.

Deze beslissing is gegeven door mr. W.C.E. Winfield rechter in ambtenarenzaken, bijgestaan door M.R. de Cuba, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting op 22 juli 2026, in tegenwoordigheid van de griffier.

Informatie over hoger beroep

Tegen deze uitspraak kunnen alle partijen hoger beroep instellen bij de Raad van Beroep in ambtenarenzaken (RvBAz).

Het hoger beroepschrift moet worden ingediend binnen 30 dagen:

  • na de dag van de uitspraak, als de indiener van het hoger beroep of zijn gemachtigde bij de uitspraak aanwezig is geweest;
  • na de dag van de toezending of de terhandstelling van een afschrift van de uitspraak, in de andere gevallen.

De indiener van het hoger beroep moet in ieder geval:

  • het hoger beroepschrift indienen in tweevoud;
  • een afschrift van deze uitspraak bijvoegen;
  • vermelden waarom hij het niet eens is met de uitspraak (hoger beroepsgronden).

Partijen kunnen gebruik maken van de mogelijkheid om binnen de gegeven hoger beroepstermijn te volstaan met een pro-forma hoger beroepschrift. Dit betekent dat de hoger beroepsgronden op een later moment kunnen worden ingediend.

Voor het instellen van hoger beroep is geen griffierecht verschuldigd.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. INLEIDING
  2. OVERWEGINGEN
  3. BESLISSING

Uitspraak van 22 juli 2026

Gaza nr. AUA202500243

GERECHT IN AMBTENARENZAKEN VAN ARUBA

UITSPRAAK

op het bezwaar als bedoeld in de

Landsverordening ambtenarenrechtspraak (La) van:

[Klaagster],

wonend in Aruba,

KLAAGSTER,

procederend in persoon,

gericht tegen:

DE DIRECTEUR VAN DEPARTAMENTO RECURSO HUMANO,

zetelend in Aruba,

VERWEERDER,

gemachtigden: mr. H.F. Falconi, advocaat te Aruba, en mr. C.L. Geerman (DWJZ).

INLEIDING

1.1

Bij e-mailbericht 30 december 2024, afkomstig van Departamento Recurso Humano (DRH) is aan klaagster medegedeeld dat zij als gevolg van het Landsbesluit, houdende algemene maatregelen, van 23 september 2024 tot wijziging van het Landsbesluit bijzondere ambtelijke pensioengrondslag (herziening pensioengrondslag kaderpersoneel) (AB 2024 no. 37) met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2024 extra pensioen opbouwt, aangezien vanaf die datum de aan haar toegekende accountancytoelage meetelt bij de bepaling van haar pensioengrondslag. In het e-mailbericht wordt verder uiteengezet wat daarvan de gevolgen voor klaagster zijn en hoe DRH dit gaat implementeren.

1.2

Hiertegen heeft klaagster op 28 januari 2025 bezwaar gemaakt.

1.4

Op 10 april 2025 heeft verweerder een contra-memorie ingediend.

1.5

Het gerecht heeft de zaak behandeld ter zitting van 9 juni 2025, waar klaagster is verschenen in persoon en verweerder bij mr. Falconi, voornoemd. De behandeling ter zitting is voortgezet op 18 augustus 2025, waar klaagster is verschenen in persoon, en verweerder bij zijn gemachtigden, voornoemd.

1.6

Hierna is uitspraak nader bepaald op heden.

OVERWEGINGEN

Is het e-mailbericht van DRH van 30 december 2024 een beschikking waartegen klaagster bij de ambtenarenrechter bezwaar kan maken?

2.1

Het gerecht is het eens met verweerder dat het e-mailbericht slechts van informatieve aard is en geen rechtsgevolgen voor klaagster in het leven roept. Het legt slechts uit wat voor haar de gevolgen zijn van de inwerkingtreding van het Landsbesluit, houdende algemene maatregelen, van 23 september 2024 tot wijziging van het Landsbesluit bijzondere ambtelijke pensioengrondslag (herziening pensioengrondslag kaderpersoneel) (AB 2024 no. 37). Die mededeling heeft ook overigens geen gevolgen voor klaagster die rechtvaardigen dat zij zich daartegen bij de ambtenarenrechter moet kunnen verzetten. Het gerecht merkt daarbij op dat klaagster de rechtsvraag die zij met dit bezwaar aan de orde wenst te stellen, ook deel uitmaakt van haar bezwaar, geregistreerd onder Gaza nr. AUA202500448, op welk bezwaar het gerecht vandaag ook uitspraak heeft gedaan en waarin het gerecht een inhoudelijk oordeel geeft over die rechtsvraag. Het e-mailbericht is daarom noch een beschikking, noch een handeling in de zin van artikel 3, eerste lid, van de La, waartegen krachtens artikel 35, eerste lid, van die landsverordening bezwaar kan worden gemaakt.

2.2

De conclusie is dat het bezwaar van klaagster niet-ontvankelijk is.

3. Van voor vergoeding in aanmerking komende proceskosten is niet gebleken.

BESLISSING

De rechter in dit gerecht:

- verklaart het bezwaar niet-ontvankelijk.

Deze beslissing is gegeven door mr. W.C.E. Winfield rechter in ambtenarenzaken, bijgestaan door M.R. de Cuba, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting op 22 juli 2026, in tegenwoordigheid van de griffier.

Informatie over hoger beroep

Tegen deze uitspraak kunnen alle partijen hoger beroep instellen bij de Raad van Beroep in ambtenarenzaken (RvBAz).

Het hoger beroepschrift moet worden ingediend binnen 30 dagen:

  • na de dag van de uitspraak, als de indiener van het hoger beroep of zijn gemachtigde bij de uitspraak aanwezig is geweest;
  • na de dag van de toezending of de terhandstelling van een afschrift van de uitspraak, in de andere gevallen.

De indiener van het hoger beroep moet in ieder geval:

  • het hoger beroepschrift indienen in tweevoud;
  • een afschrift van deze uitspraak bijvoegen;
  • vermelden waarom hij het niet eens is met de uitspraak (hoger beroepsgronden).

Partijen kunnen gebruik maken van de mogelijkheid om binnen de gegeven hoger beroepstermijn te volstaan met een pro-forma hoger beroepschrift. Dit betekent dat de hoger beroepsgronden op een later moment kunnen worden ingediend.

Voor het instellen van hoger beroep is geen griffierecht verschuldigd.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.