Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 6 oktober 2026
ECLI:NL:HR:2026:1614Zaaknummer 24/03922
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 6 oktober 2026
- Publicatiedatum
- 6 oktober 2026
- Zaaknummer
- 24/03922
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Profijtontneming, w.v.v. bestaande uit uitgaven die betrokkene heeft gedaan na veroordeling t.z.v. aanwezig hebben van cocaïne, medeplegen aanwezig hebben van hasj en medeplegen witwassen op 30-11-2011, art. 36e.3 Sr. Kon hof gelet op art. 1 Sr en art. 7 EVRM o.g.v. art. 36e.3 Sr, zoals bepaling luidt sinds 1-7-2011, w.v.v. vaststellen o.g.v. vermogensvergelijking die ziet op tijdvak dat zich deels uitstrekt over periode van voor 1-7-2011? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 24/03822 P en 24/03921 P.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president C. Caminada als voorzitter, en de raadsheren R. Kuiper en F. Damsteegt, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 oktober 2026.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/03922 P
Datum 6 oktober 2026
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 10 oktober 2024, nummer 20-001989-22, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1974,
hierna: de betrokkene.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft de advocaat T. Straten bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van het cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president C. Caminada als voorzitter, en de raadsheren R. Kuiper en F. Damsteegt, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 oktober 2026.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2026:779 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
- ECLI:NL:GHSHE:2024:3405 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2026:779 Parket bij de Hoge Raad, 18 augustus 2026 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.