Uitspraak · Strafrecht

Hoge Raad, 13 mei 2025

ECLI:NL:HR:2025:719Zaaknummer 24/00329

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
13 mei 2025
Publicatiedatum
13 mei 2025
Zaaknummer
24/00329
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie, Beschikking
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Beklag, beslag ex art. 94 Sv op gouden armband onder klager t.z.v. verdenking van bedreiging, mishandeling, belediging en vernieling, waarna Rb het klaagschrift ongegrond verklaart omdat uit stukken niet blijkt dat onder klager daadwerkelijk gouden armband in beslag is genomen. Schriftelijke afdoening van klaagschrift zonder openbare behandeling gelet op ontbreken van noodzaak tot horen van partijen op zitting, art. 23.2 Sv. Kon Rb een beschikking geven zonder klaagschrift in openbare raadkamer te behandelen? HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Deze wijze van afdoening is in strijd met art. 23.2, 25.1 en 552a.7 Sv. Wet biedt geen mogelijkheid om klaagschrift schriftelijk af te doen zonder openbare behandeling in raadkamer. Ook niet als Rb zich o.g.v. schriftelijke stukken reeds voldoende voorgelicht acht. Kennelijk oordeel Rb klemt temeer omdat klager niet in gelegenheid is gesteld te reageren op schriftelijk standpunt OM en Rb in beschikking bovendien heeft overwogen dat klager ook “anderszins onvoldoende aannemelijk [heeft] gemaakt dat onder hem gouden armband in beslag is genomen.” Op grond waarvan Rb tot deze vaststelling komt blijft in het ongewisse. Verzuim om klaagschrift op openbare raadkamerzitting te behandelen waar (onder meer) klager wordt gehoord, leidt tot nietigheid van beschikking. Volgt vernietiging en terugwijzing.

De Hoge Raad:

- vernietigt de beschikking van de rechtbank;

- wijst de zaak terug naar de rechtbank Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt behandeld en afgedaan.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 13 mei 2025.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Procesverloop in cassatie
  2. 2 Beoordeling van het cassatiemiddel
  3. 3 Beslissing

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 24/00329 B

Datum 13 mei 2025

BESCHIKKING

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Amsterdam van 11 december 2023, nummer RK 23/021739, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend

door

[klager],

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2003,

hierna: de klager.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft de advocaat G.L.D. Thomas bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.

De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van de beschikking van de rechtbank en terugwijzing van de zaak naar de rechtbank Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt behandeld en afgedaan.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1

Het cassatiemiddel klaagt dat de rechtbank op het door de klager ingediende klaagschrift dat strekte tot teruggave van een onder hem inbeslaggenomen armband, een beschikking heeft gegeven zonder dat klaagschrift in een openbare raadkamer te behandelen.

2.2

Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- vernietigt de beschikking van de rechtbank;

- wijst de zaak terug naar de rechtbank Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt behandeld en afgedaan.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 13 mei 2025.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.