Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 18 maart 2025
ECLI:NL:HR:2025:402Zaaknummer 24/00179
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 18 maart 2025
- Publicatiedatum
- 18 maart 2025
- Zaaknummer
- 24/00179
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Cassatie, Beschikking
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op “cryptowallet” met “bitcoins” ter waarde van € 10.097.515 onder klager t.z.v. verdenking van witwassen. Ontvankelijkheid cassatieberoep, beëindiging beslag in cassatiefase. Nadat AG haar conclusie had genomen, heeft OM bij brief van 17-1-2025 aan griffie HR laten weten dat beslag inmiddels is beëindigd. Dit brengt met zich dat OM geen belang meer heeft bij oordeel van HR over voorgestelde cassatiemiddelen. Beroep moet daarom niet-ontvankelijk worden verklaard. Klager n-o.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 maart 2025.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/00179 B
Datum 18 maart 2025
BESCHIKKING
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam van 12 december 2023, nummer RK 22/016641, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend
door
[klager],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970,
hierna: de klager.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door het openbaar ministerie. Het heeft bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot terugwijzing naar de rechtbank Rotterdam teneinde op het bestaande beklag opnieuw te worden behandeld en afgedaan.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Het cassatieberoep is gericht tegen een beschikking van de rechtbank van 12 december 2023 waarbij een klaagschrift van de klager dat strekt tot teruggave van de in die beschikking genoemde inbeslaggenomen voorwerpen, gegrond is verklaard.
Nadat de advocaat-generaal haar conclusie had genomen, heeft het openbaar ministerie bij brief van 17 januari 2025 aan de griffie van de Hoge Raad laten weten dat het beslag inmiddels is beëindigd. Dit brengt met zich dat het openbaar ministerie geen belang meer heeft bij een oordeel van de Hoge Raad over de voorgestelde cassatiemiddelen. Het beroep moet daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 maart 2025.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2025:19 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2025:19 Parket bij de Hoge Raad, 7 januari 2025 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.