Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 11 maart 2025
ECLI:NL:HR:2025:377Zaaknummer 24/00161
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 11 maart 2025
- Publicatiedatum
- 11 maart 2025
- Zaaknummer
- 24/00161
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. diefstal, meermalen gepleegd (art. 310 Sr). Ontvankelijkheid hoger beroep, appelschriftuur bij stukken. Kon hof (enkelvoudige kamer) oordelen dat door of namens verdachte geen schriftuur houdende grieven is ingediend en dat verdachte mede daarom ex art. 416.2 Sv n-o wordt verklaard in h.b., nu hof geen acht heeft geslagen op appelschriftuur van raadsman die zich bij stukken bevindt? HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: In p-v van tz. in h.b. van 16-1-2024 is in voetnoot vermeld dat na tz. is gebleken dat raadsman op 17-10-2023 appelschriftuur heeft ingediend bij Rb, terwijl die op moment van uitspreken van arrest niet bij hof bekend was. Tussen de ex art. 434.1 Sv toegezonden stukken bevindt zich appelschriftuur van raadsman, gedateerd op 17-10-2023. Daarom is ‘s hofs beslissing om verdachte ex art. 416.2 Sv n-o te verklaren in h.b., niet begrijpelijk. Volgt vernietiging en terugwijzing.
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 maart 2025.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/00161
Datum 11 maart 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 16 januari 2024, nummer 23-002714-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben R.I. Takens en T.P.A.M. Wouters, beiden advocaat in Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
2 Beoordeling van het cassatiemiddel
Het cassatiemiddel klaagt over de niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in het hoger beroep.
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 maart 2025.
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2024:1433 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2024:1433 Parket bij de Hoge Raad, 17 december 2024 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.