Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 2 juli 2024
ECLI:NL:HR:2024:946Zaaknummer 22/01765
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 2 juli 2024
- Publicatiedatum
- 2 juli 2024
- Zaaknummer
- 22/01765
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Winkeldiefstal, art. 310 Sr. Bewijsklachten. HR: art. 81.1 RO.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C.N. Dalebout en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juli 2024.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/01765
Datum 2 juli 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 10 mei 2022, nummer 23-001018-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft S.W.M. Stevens, advocaat in 's‑Gravenhage, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van het cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C.N. Dalebout en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juli 2024.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2024:443 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
- ECLI:NL:GHAMS:2022:3939 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2024:443 Parket bij de Hoge Raad, 23 april 2024 (strafrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2022:3939 Gerechtshof Amsterdam, 10 mei 2022 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.