Uitspraak · Strafrecht

Hoge Raad, 26 november 2024

ECLI:NL:HR:2024:1645Zaaknummer 23/01450

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
26 november 2024
Publicatiedatum
26 november 2024
Zaaknummer
23/01450
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Ontucht met 9-jarig/13-jarig meisje door 22-jarige/26-jarige huisvriend van familie, art. 244 (oud) en 245 (oud) Sr. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklacht. Had hof gelet op vrijspraak in e.a. moeten nagaan of procedure in haar geheel voldoet aan het door art. 6 EVRM gewaarborgde recht op eerlijk proces? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof heeft geoordeeld dat tlgd. ontuchtige handelingen wel kunnen worden bewezen, omdat verklaring van aangeefster steun vindt in verklaringen van anderen. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk en ook in het licht van art. 342.2 Sv toereikend gemotiveerd. Ook argument dat hof ambtshalve nader onderzoek in had moeten stellen (art. 316 jo. art. 415 Sv) treft geen doel. Hof heeft kennelijk geoordeeld dat dit niet noodzakelijk is en dit is niet onbegrijpelijk. Er is geen sprake van schending van art. 6 EVRM. Volgt verwerping.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 26 november 2024.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Procesverloop in cassatie
  2. 2 Beoordeling van het cassatiemiddel
  3. 3 Beslissing

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 23/01450

Datum 26 november 2024

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 13 april 2023, nummer 22-003555-20, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.R. Mantz, advocaat in Den Haag, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.

De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De raadsman van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1

Het cassatiemiddel komt op tegen de bewezenverklaring van de onder 1 en 2 tenlastegelegde feiten.

2.2

Het cassatiemiddel leidt niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 26 november 2024.

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.