Uitspraak · Civiel recht

Hoge Raad, 6 september 2024

ECLI:NL:HR:2024:1138Zaaknummer 24/00095

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
6 september 2024
Publicatiedatum
6 september 2024
Zaaknummer
24/00095
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht, faillissementsaanvraag, toetsing ex nunc, aanvullen grondslag in hoger beroep. Bestuurlijke dwangsommen, art. 611e Rv.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 6 september 2024.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Procesverloop
  2. 2 Beoordeling van het middel
  3. 3 Beslissing

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 24/00095

Datum 6 september 2024

ARREST

In de zaak van

1. [de vof],

gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [eiser 2],

wonende te [woonplaats],

3. [eiser 3],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKERS tot cassatie,

hierna: verzoekers,

advocaat: J. van Weerden,

tegen

GEMEENTE WEST MAAS EN WAAL,

zetelende te Beneden-Leeuwen,

VERWEERSTER in cassatie,

hierna: de Gemeente,

advocaat: B.I. Kraaipoel.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. het vonnis en de beschikking in de zaken C/05/23/391 F, 23/393 F, 23/394 F, 427068 FT RK 05/23/851 en 427069 FT RK 05/23/582 van de rechtbank Gelderland van 31 oktober 2023;

b. de arresten in de zaak 200.334.337 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 6 december 2023 en 28 december 2023.

Verzoekers hebben tegen de arresten van het hof beroep in cassatie ingesteld.

De Gemeente heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van verzoekers heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de arresten van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van de arresten. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 6 september 2024.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.