Uitspraak · Verbintenissenrecht
Hoge Raad, 27 januari 2023
ECLI:NL:HR:2023:99Zaaknummer 21/05013
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 27 januari 2023
- Publicatiedatum
- 27 januari 2023
- Zaaknummer
- 21/05013
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Verbintenissenrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Verkoop bedrijfspand. Onjuiste mededeling over nieuwe dakbedekking? Art. 7:17 BW. Schadevergoeding. Verzuim?
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Anjelier in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 7.015,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Anjelier deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.H. Sieburgh en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 27 januari 2023.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/05013
Datum 27 januari 2023
ARREST
In de zaak van
ANJELIER B.V.,
gevestigd te Brummen,
EISERES tot cassatie,
hierna: Anjelier,
advocaat: E.J.H. Zandbergen,
tegen
[verweerster] BEHEER B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: [verweerster],
advocaat: J.W. de Jong.
1 Procesverloop in cassatie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/15/265364 / HA ZA 17-717 van de rechtbank Noord-Holland van 13 december 2017 en 28 maart 2018;
b. de arresten in de zaak 200.239.357/01 van het gerechtshof Amsterdam van 17 december 2019, 25 augustus 2020 en 7 september 2021.
Anjelier heeft tegen de arresten van het hof beroep in cassatie ingesteld.
[verweerster] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor [verweerster] toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Anjelier heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de arresten van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van deze arresten. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Anjelier in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 7.015,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Anjelier deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren C.H. Sieburgh en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 27 januari 2023.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2022:913 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
- ECLI:NL:GHAMS:2021:2798 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2022:913 Parket bij de Hoge Raad, 14 oktober 2022 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2021:2798 Gerechtshof Amsterdam, 7 september 2021 (civiel recht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.