Uitspraak · Civiel recht
Hoge Raad, 17 juni 2022
ECLI:NL:HR:2022:868Zaaknummer 21/04686
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 17 juni 2022
- Publicatiedatum
- 17 juni 2022
- Zaaknummer
- 21/04686
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Verzoek van curator om een machtiging teneinde procedure tegen de Belastingdienst aan te spannen (art. 68 lid 3 Fw). Belang van de boedel bij voortvarende afwikkeling van het faillissement.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren F.J.P. Lock, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 17 juni 2022.
Volledige tekst
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/04686
Datum 17 juni 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
Pieter Guillaume GILHUIS, in zijn hoedanigheid van curator van SCHEFFERDRUKKERIJ B.V.,wonende te Dordrecht,
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: de curator,
advocaat: P.A. Fruytier,
en
BELASTINGDIENST,gevestigd te 's-Gravenhage,
BELANGHEBBENDE in cassatie,
hierna: de Belastingdienst,
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de beschikking in de zaak C/10/14/272 F van de rechter-commissaris in de rechtbank Rotterdam van 29 april 2021;
de beschikking in de zaak C/10/618200 / HA RK 21-514 van de rechtbank Rotterdam van 2 november 2021.
De curator heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld.
De procesinleiding is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Belastingdienst heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G. Snijders strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de curator heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren F.J.P. Lock, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 17 juni 2022.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2022:384 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2022:384 Parket bij de Hoge Raad, 22 april 2022 (insolventierecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.