Uitspraak · Civiel recht
Hoge Raad, 11 november 2022
ECLI:NL:HR:2022:1607Zaaknummer 21/03552
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 11 november 2022
- Publicatiedatum
- 11 november 2022
- Zaaknummer
- 21/03552
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomstenrecht. Aandelenoverdracht waarbij is bepaald dat achteraf aan de hand van jaarrekening 2005 correctie van koopprijs kan plaatsvinden. Bindend adviseurs constateren dat overeenkomst leemte bevat met betrekking tot vaststelling definitieve koopprijs. Rechts- en motiveringsklachten over wijze waarop hof leemte heeft ingevuld.
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Gander c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Verheul begroot op € 7.086,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Gander c.s. deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren H.M. Wattendorff, als voorzitter, A.E.B. ter Heide en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 11 november 2022.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/03552
Datum 11 november 2022
ARREST
In de zaak van
1. GANDER B.V.,
gevestigd te Wieringerwerf,
2. H.P.P. HOLDING B.V.,
gevestigd te Hippolytushoef,
EISERESSEN tot cassatie,
hierna gezamenlijk: Gander c.s.,
advocaat: J.H.M. van Swaaij,
tegen
VERHEUL HOLDING B.V.,
gevestigd te Waarland,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Verheul,
advocaat: S.M. Kingma.
1 Procesverloop in cassatie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak 112866 / HA ZA 09-752 van de rechtbank te Alkmaar van 23 december 2009, 24 februari 2010, 16 juni 2010, 8 juni 2011, 18 januari 2012 en 6 juni 2012 en van de rechtbank Noord-Holland van 2 april 2014;
b. het arrest in de zaak 200.153.740/01 van het gerechtshof Amsterdam van 18 mei 2021.
Gander c.s. hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.Verheul heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Verheul mede door M.E.A. Möhring.De conclusie van de advocaat-generaal S.D. Lindenbergh strekt tot verwerping van het cassatieberoep.De advocaat van Gander c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Gander c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Verheul begroot op € 7.086,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Gander c.s. deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren H.M. Wattendorff, als voorzitter, A.E.B. ter Heide en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 11 november 2022.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2022:637 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
- ECLI:NL:GHAMS:2021:1406 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2022:637 Parket bij de Hoge Raad, 1 juli 2022 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2021:1406 Gerechtshof Amsterdam, 18 mei 2021 (civiel recht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.