Uitspraak · Strafrecht

Hoge Raad, 1 november 2022

ECLI:NL:HR:2022:1483Zaaknummer 21/03014

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
1 november 2022
Publicatiedatum
1 november 2022
Zaaknummer
21/03014
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Eendaadse samenloop van medeplegen invoer hennep (art. 3.A Opiumwet) en medeplegen aanwezig hebben hennep (art. 3.C Opiumwet), en deelneming aan criminele organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van Opiumwetdelicten (art. 140.1 Sr). 1. Strafmotivering (gevangenisstraf van 5 jaren en 6 maanden). Heeft hof toereikend gemotiveerd beslist op uitdrukkelijk onderbouwd standpunt m.b.t. strafmaat? 2. Strafmotivering. Is opgelegde straf begrijpelijk in het licht van door Rb opgelegde straf, in hoger beroep gevorderde straf en pleidooi verdediging? 3. Redelijke termijn in eerste aanleg en in hoger beroep. Is oordeel hof dat op te leggen gevangenisstraf met maximaal zes maanden kan worden gematigd juist en begrijpelijk? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 21/03013 en 21/03015.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 november 2022.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Procesverloop in cassatie
  2. 2 Beoordeling van het cassatiemiddel
  3. 3 Beslissing

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 21/03014

Datum 1 november 2022

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 16 juli 2021, nummer 23-004523-17, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1966,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 november 2022.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.