Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 21 december 2021
ECLI:NL:HR:2021:1941Zaaknummer 20/03519
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 21 december 2021
- Publicatiedatum
- 21 december 2021
- Zaaknummer
- 20/03519
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Nasleep vastgoedfraude Klimop. Valsheid in geschrift, meermalen gepleegd (art. 225.1 Sr) en feitelijk leiding geven aan witwassen, meermalen gepleegd (art. 420bis.1.b Sr). 1. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt m.b.t. betrouwbaarheid van tot bewijs gebezigde verklaringen van getuigen. 2. Bewijsklachten valsheid in geschrift. Heeft verdachte overeenkomsten valselijk opgemaakt en wist hij dat deze documenten niet in overeenstemming waren met gemaakte afspraken? 3. Bewijsklachten witwassen. Wist verdachte dat overgemaakte geldbedragen afkomstig waren van enig misdrijf en heeft hof juiste uitleg gegeven aan bestanddeel ‘afkomstig’ uit enig misdrijf? HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 20/03520 P.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 december 2021.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 20/03519
Datum 21 december 2021
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 22 oktober 2020, nummer 20-003870-18, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1946,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Boksem, advocaat te Leeuwarden, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 december 2021.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:GHSHE:2020:3260 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
- ECLI:NL:PHR:2021:1044 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2025:229 Parket bij de Hoge Raad, 18 februari 2025 (strafrecht)
- ECLI:NL:PHR:2025:230 Parket bij de Hoge Raad, 18 februari 2025 (strafrecht)
- ECLI:NL:PHR:2021:1044 Parket bij de Hoge Raad, 9 november 2021 (strafrecht)
- ECLI:NL:GHSHE:2020:3260 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 22 oktober 2020 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.