Uitspraak · Strafrecht

Hoge Raad, 30 november 2021

ECLI:NL:HR:2021:1791Zaaknummer 21/03332

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
30 november 2021
Publicatiedatum
30 november 2021
Zaaknummer
21/03332
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Uitlevering. Executie-uitlevering van opgeëiste persoon (Albanese nationaliteit) naar Albanië t.z.v. veroordeling voor fraudefeit. Middel over ontbrekende pleitnota. HR: art. 81.1 RO.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 november 2021.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De uitspraak van de rechtbank
  2. 2 Procesverloop in cassatie
  3. 3 Beoordeling van het cassatiemiddel
  4. 4 Beslissing

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 21/03332 U

Datum 30 november 2021

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de rechtbank Gelderland van 16 juli 2021, nummer [001], op een verzoek van de Republiek Albanië tot uitlevering

van

[opgeëiste persoon],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1986,

hierna: de opgeëiste persoon.

1 De uitspraak van de rechtbank

De rechtbank heeft de uitlevering van de opgeëiste persoon toelaatbaar verklaard met het oog op de tenuitvoerlegging van – naar de Hoge Raad begrijpt – de bij het uitleveringsverzoek overgelegde rechterlijke veroordeling, “No. 12 Act. Reg. Date: 25.05.2019, No. 1319 Decision, Date: 21.05.2019” van de “Republic of Albania court of Tirana Judicial District” waarbij de opgeëiste persoon tot 4 jaar gevangenisstraf is veroordeeld voor het strafbare feit “Fraud”, zoals bepaald in art. 143/2 van het Wetboek van Strafrecht van Albanië.

2 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de opgeëiste persoon. Namens deze heeft F.S. Baardman, advocaat te Utrecht, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend voor zover de rechtbank de gevraagde uitlevering toelaatbaar heeft verklaard “vanwege strafexecutie ter zake van het in het uitleveringsverzoek vermelde feit”, de uitlevering toelaatbaar te verklaren, onder de door de rechtbank gestelde voorwaarde, ter tenuitvoerlegging van de in het uitleveringsverzoek genoemde “Criminal Decision No. 1319, dated 21.05.2019, of Tirana Judicial District Court”, waarbij de opgeëiste persoon is veroordeeld ter zake van de feiten zoals daarin omschreven, en tot verwerping van het beroep voor het overige.

3 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 november 2021.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.