Uitspraak · Civiel recht
Hoge Raad, 9 oktober 2020
ECLI:NL:HR:2020:1592Zaaknummer 19/03837
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 9 oktober 2020
- Publicatiedatum
- 9 oktober 2020
- Zaaknummer
- 19/03837
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Beroepsaansprakelijkheid. Verzekeringsrecht. Heeft de taxateur bij het taxeren van de waarde van een perceel beroepsfout gemaakt? Maatmancriterium. Heeft de curator door plaatsing van de vordering van de kopers op lijst van voorlopig erkende crediteuren de aansprakelijkheid van de taxateur erkend?
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt De Vereende in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 2.091,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien De Vereende deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak, als voorzitter, en de raadsheren C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.H. Sieburgh op 9 oktober 2020.
Volledige tekst
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 19/03837
Datum 9 oktober 2020
ARREST
In de zaak van
DE VEREENDE N.V., voorheen Verenigde Assurantiebedrijven
Nederland N.V.,gevestigd te Rijswijk,
EISERES tot cassatie,
hierna: De Vereende,
advocaten: J.P. Heering en J.L. Luiten,
tegen
Arie Jan VAN DER KNIJFF, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [A] B.V.,kantoorhoudende te Breda,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de curator,
advocaten: I.M.A. Lintel en T.T. van Zanten.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/09/485295 / HA ZA 15-360 van de rechtbank Den Haag van 2 september 2015, 25 november 2015 en 18 mei 2016;
de arresten in de zaak 200.197.412/02 van het gerechtshof Den Haag van 6 september 2016 en 14 mei 2019.
De Vereende heeft tegen het arrest van het hof van 14 mei 2019 beroep in cassatie ingesteld.
De curator heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaten van De Vereende hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt De Vereende in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 2.091,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien De Vereende deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak, als voorzitter, en de raadsheren C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.H. Sieburgh op 9 oktober 2020.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2020:463 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
- ECLI:NL:GHDHA:2019:1047 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2020:463 Parket bij de Hoge Raad, 8 mei 2020 (civiel recht)
- ECLI:NL:GHDHA:2019:1047 Gerechtshof Den Haag, 14 mei 2019 (verbintenissenrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.