Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 16 juni 2020
ECLI:NL:HR:2020:1022Zaaknummer 19/03041
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 16 juni 2020
- Publicatiedatum
- 16 juni 2020
- Zaaknummer
- 19/03041
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Economische zaak. Nu het cassatiemiddel is ingetrokken, kan verdachte in het beroep niet worden ontvangen (vgl. ECLI:NL:HR:2001:AD4299). Samenhang met 19/03042 en 19/03045.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en M.T. Boerlage, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 juni 2020.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 19/03041 E
Datum 16 juni 2020
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam, economische kamer, van 24 oktober 2018, nummer 23/002607-17, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1939,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.S. Nan, advocaat te ’s‑Gravenhage, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. Bij brief van 11 november 2019 heeft de raadsman het cassatiemiddel ingetrokken.
De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd dat de verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het ingestelde cassatieberoep.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Nu het cassatiemiddel is ingetrokken, kan de Hoge Raad het beroep van de verdachte niet in behandeling nemen (vgl. HR 30 oktober 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD4299).
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en M.T. Boerlage, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 juni 2020.
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:GHAMS:2018:3918 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
- ECLI:NL:PHR:2020:598 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Deze uitspraak verwijst naar
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2020:598 Parket bij de Hoge Raad, 21 april 2020 (strafrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2018:3918 Gerechtshof Amsterdam, 24 oktober 2018 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.