Uitspraak · Personen- en familierecht

Hoge Raad, 5 april 2019

ECLI:NL:HR:2019:509Zaaknummer 18/03160

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
5 april 2019
Publicatiedatum
5 april 2019
Zaaknummer
18/03160
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Cassatie, Beschikking
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Alimentatie. Art. 1:160 BW. Beëindiging onderhoudsplicht; samenleven met een ander als waren zij gehuwd; wanneer is sprake van samenwonen?

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheer A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 5 april 2019.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het geding in feitelijke instanties
  2. 2 Het geding in cassatie
  3. 3 Beoordeling van het middel
  4. 4 Beslissing

5 april 2019

Eerste Kamer

18/03160

EV/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[de man] ,wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. M.A.J.G. Janssen,

t e g e n

[de vrouw] ,wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de man en de vrouw.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de beschikkingen in de zaak C/03/207768/FA RK 15-2109 van de rechtbank Limburg van 22 november 2016 en 13 juli 2017;

b. de beschikkingen in de zaak 200.225.182/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 7 december 2017 en 31 mei 2018.

De beschikkingen van het hof zijn aan deze beschikking gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof van 31 mei 2018 heeft de man beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De vrouw heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van de man heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheer A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 5 april 2019.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.