Uitspraak · Strafrecht

Hoge Raad, 12 november 2019

ECLI:NL:HR:2019:1752Zaaknummer 18/00985

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12 november 2019
Publicatiedatum
12 november 2019
Zaaknummer
18/00985
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Aanwezig hebben van hennep door tas met gedroogde henneptoppen onder geparkeerde auto te leggen, art. 2.C Opiumwet. 1. Onherstelbaar vormverzuim dat dient te leiden tot strafvermindering, nu door politie postpakket van verdachte met flessen wijn is geopend zonder dat daarvoor enige wettelijke basis was? 2. Verweer dat waarneming van verbalisant, inhoudende dat verdachte tas onder auto heeft gelegd, niet mogelijk is geweest. 3. Afwijzing van ttz. in h.b. gedaan voorwaardelijk verzoek om verbalisanten als getuigen te horen o.b.v. noodzaakcriterium. HR: art. 81.1 RO.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 november 2019.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Geding in cassatie
  2. 2 Beoordeling van de middelen
  3. 3 Beslissing

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 18/00985

Datum 12 november 2019

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 28 februari 2018, nummer 22/005281-16, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1973,

hierna: de verdachte.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben R.J. Baumgardt en P. van Dongen, beiden advocaat te Rotterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 november 2019.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.