Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 25 juni 2019
ECLI:NL:HR:2019:1034Zaaknummer 18/01243
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 25 juni 2019
- Publicatiedatum
- 26 juni 2019
- Zaaknummer
- 18/01243
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Openlijke geweldpleging, art. 141 Sr. 1. Gebruik voor bewijs van verklaringen van getuige die bij politie onder nummer is gehoord, terwijl getuige nadien als beperkt anonieme getuige is gehoord door RC. Bijzondere motiveringsplicht? 2. Bewijsklachten. Tegenstrijdigheid tussen b.m. en redengevendheid b.m. HR: art. 81.1 RO. CAG t.a.v. motiveringsplicht: Hof had gebruik voor bewijs van verklaringen van bij politie onder nummer gehoorde getuige moeten motiveren. Verzuim hoeft bij gebrek aan belang niet tot cassatie te leiden, nu bewezenverklaring ook met weglating van verklaringen toereikend is gemotiveerd.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 juni 2019.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 18/01243
Datum 25 juni 2019
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 21 augustus 2017, nummer 21/001808-17, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1989,
hierna: de verdachte.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De plaatsvervangend Advocaat-Generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 juni 2019.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2019:567 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2019:567 Parket bij de Hoge Raad, 28 mei 2019 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.