Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 17 april 2018
ECLI:NL:HR:2018:623Zaaknummer 17/03665
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 17 april 2018
- Publicatiedatum
- 18 april 2018
- Zaaknummer
- 17/03665
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Poging tot moord in Zwolle door terwijl verdachte in de richting van slachtoffer fietst twee keer van dichtbij met een vuurwapen op de borststreek van slachtoffer te schieten. Middelen over 1. betrouwbaarheid van belastende getuigen die hun verklaring later hebben ingetrokken 2. bewijsminimum van art. 342.2 Sv en 3. voorbedachte raad. HR: art. 81.1 RO.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 april 2018.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
17 april 2018
Strafkamer
nr. S 17/03665
AJ/IV
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 20 juni 2017, nummer 21/007362-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben G.G.J. Knoops en E. Vogelvang, beiden advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal W.H. Vellinga heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 april 2018.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2018:358 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
- ECLI:NL:GHARL:2017:5111 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2018:358 Parket bij de Hoge Raad, 6 maart 2018 (strafrecht)
- ECLI:NL:GHARL:2017:5111 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 20 juni 2017 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.