Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 11 december 2018
ECLI:NL:HR:2018:2280Zaaknummer 17/04160
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 11 december 2018
- Publicatiedatum
- 12 december 2018
- Zaaknummer
- 17/04160
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Aanwezig hebben hennepplanten, hennepafval en henneptoppen (art. 3.C Opiumwet) en telen hennepstekken (art. 3.B Opiumwet). 1. Denaturering verklaring verdachte. 2. Bewijs wetenschap verdachte van aanwezigheid van hennepafval en henneptoppen in (afgesloten) zakken en emmers. 3. Bewijsklachten hennepstekkenteelt. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 17/04159 P.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 december 2018.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
11 december 2018
Strafkamer
nr. S 17/04160
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 14 juni 2017, nummer 23/003508-16, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1975.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben D.N. de Jonge, advocaat te Rotterdam, en C. Grijsen, advocaat te Almere, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 december 2018.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2018:1362 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2018:1362 Parket bij de Hoge Raad, 30 oktober 2018 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.