Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 2 oktober 2018
ECLI:NL:HR:2018:1827Zaaknummer 17/01754
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 2 oktober 2018
- Publicatiedatum
- 3 oktober 2018
- Zaaknummer
- 17/01754
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, art. 285.1 Sr. Ruzie in Amsterdamse taxiwereld. Doorzenden van bewerkt (promotie)filmpje via Telegram, waarbij die bewerking bestond uit het toevoegen van vijf armen met een wapen gericht op het hoofd van het slachtoffer en die armen met het wapen meermalen op het hoofd van het slachtoffer te laten schieten. Bewijsklacht opzet. HR: art. 81.1 RO.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 oktober 2018.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
2 oktober 2018
Strafkamer
nr. S 17/01504
AKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 7 maart 2017, nummer 23/003461-16, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft V.C. van der Velde, advocaat te Almere, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 oktober 2018.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2018:1104 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
- ECLI:NL:GHAMS:2017:700 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2018:1104 Parket bij de Hoge Raad, 10 juli 2018 (strafrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2017:700 Gerechtshof Amsterdam, 7 maart 2017 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.