Uitspraak · Strafrecht

Hoge Raad, 9 februari 2018

ECLI:NL:HR:2018:175Zaaknummer 17/04507

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
9 februari 2018
Publicatiedatum
9 februari 2018
Zaaknummer
17/04507
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie, Beschikking
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Wet Bopz. Vervolg van HR 25 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2711. Betrokkene door rechtbank niet-ontvankelijk verklaard in verzoek onmiddellijke invrijheidstelling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 9 februari 2018.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van het geding
  2. 2 Het tweede geding in cassatie
  3. 3 Beoordeling van het middel
  4. 4 Beslissing

9 februari 2018

Eerste Kamer

17/04507

TT/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[betrokkene],wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. G.E.M. Later,

t e g e n

DE OFFICIER VAN JUSTITIE BIJ HET ARRONDISSEMENTSPARKET AMSTERDAM,

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als betrokkene en de officier van justitie.

1 Het verloop van het geding

Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar:

a. zijn beschikking in de zaken 16/03895 en 16/04137 van 25 november 2016, ECLI:NL:HR:2016:2711;

b. de beschikkingen in de zaken C/13/630501/FA RK 17-3869, C/13/628716/FA RK 17-3079 en C/13/622869/FA RK 17-588 van de rechtbank Amsterdam van 21 juni 2017.

De beschikking C/13/628716/FA RK 17-3079 van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.

2 Het tweede geding in cassatie

Tegen laatstgenoemde beschikking van de rechtbank heeft betrokkene beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 9 februari 2018.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Deze uitspraak verwijst naar

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.