Uitspraak · Belastingrecht

Hoge Raad, 9 februari 2018

ECLI:NL:HR:2018:169Zaaknummer 17/04214

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
9 februari 2018
Publicatiedatum
9 februari 2018
Zaaknummer
17/04214
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Belastingrecht
Procedure
Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

HR verklaart het beroep in cassatie n-o.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 9 februari 2018.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
  2. 2 Proceskosten
  3. 3 Beslissing

9 februari 2018

Nr. 17/04214

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van [X] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 11 juli 2017, nr. 16/738 ANW, betreffende een besluit van de Sociale verzekeringsbank ingevolge de Algemene nabestaandenwet.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief van 8 november 2017 gewezen op de verschuldigdheid van griffierecht en voor de betaling een termijn van vier weken gesteld. Deze brief is wegens onbestelbaarheid teruggezonden aan de Hoge Raad, waarna adresverificatie heeft plaatsgevonden en het stuk bij gewone brief is verzonden naar het laatst bekende adres van belanghebbende. Het griffierecht is niet voldaan.

De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende bij aangetekende brief van 14 december 2017, die volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL is afgeleverd op het laatst bekende adres van belanghebbende, in de gelegenheid gesteld mee te delen waarom het griffierecht niet tijdig is betaald. Belanghebbende heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.

Het beroep in cassatie moet op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb derhalve niet-ontvankelijk worden verklaard.

2 Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 9 februari 2018.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.