Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 10 juli 2018
ECLI:NL:HR:2018:1119Zaaknummer 17/03475
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 10 juli 2018
- Publicatiedatum
- 11 juli 2018
- Zaaknummer
- 17/03475
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Jeugdzaak. Reeks vermogensdelicten. Middelen m.b.t. de rechtmatigheid van de inbeslagname van verdachtes telefoon, de verwerping van een beroep op een vormverzuim en de vraag of de bewezenverklaarde poging tot afpersing is af te leiden uit de gebezigde bewijsmiddelen. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 17/03212; 17/03287; 17/03477 en 17/03479.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en M.T. Boerlage, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 juli 2018.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
10 juli 2018
Strafkamer
nr. S 17/03475 J
SSA/NA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 22 juni 2017, nummer 22/003024-16, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft B. Kizilocak, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en M.T. Boerlage, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 juli 2018.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2018:747 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
- ECLI:NL:GHDHA:2017:2325 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2018:747 Parket bij de Hoge Raad, 29 mei 2018 (strafrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2017:2325 Gerechtshof Den Haag, 22 juni 2017 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.