Uitspraak · Civiel recht

Hoge Raad, 29 juni 2018

ECLI:NL:HR:2018:1024Zaaknummer 17/02485

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
29 juni 2018
Publicatiedatum
29 juni 2018
Zaaknummer
17/02485
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Beroepsaansprakelijkheid belastingadviseur; art. 7:401 BW. Zorgplicht. (HR 29 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1406, NJ 2015/267 en HR 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2624, NJ 2009/256)

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Accon begroot op € 2.672,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 29 juni 2018.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het geding in feitelijke instanties
  2. 2 Het geding in cassatie
  3. 3 Beoordeling van het middel
  4. 4 Beslissing

29 juni 2018

Eerste Kamer

17/02485

LZ/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser],wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. R.L.M.M. Tan,

t e g e n

ACCON AVM BELASTINGADVIES B.V.,gevestigd te Arnhem,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. Y.E.J. Geradts.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Accon.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

a. de vonnissen in de zaak C/05/241096/HA ZA 13-195 van de rechtbank Gelderland van 5 juni 2013, 21 augustus 2013, 4 december 2013, 19 februari 2014, 23 april 2014 en 11 februari 2015;

b. de arresten in de zaak 200.166.704 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 19 mei 2015 en 28 februari 2017.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 28 februari 2017 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Accon heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 4 mei 2018 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Accon begroot op € 2.672,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 29 juni 2018.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.