Uitspraak · Civiel recht
Hoge Raad, 2 februari 2016
ECLI:NL:HR:2016:171Zaaknummer 15/00384
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 2 februari 2016
- Publicatiedatum
- 3 februari 2016
- Zaaknummer
- 15/00384
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Cassatie, Beschikking
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Beklag, beslag, art. 552a Sv. Het middel, dat klaagt dat de Rb zich niet heeft uitgelaten over de vraag of het belang van sv het voortduren van het beslag daarop vordert, mist feitelijke grondslag. Conclusie AG: anders.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 februari 2016.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
2 februari 2016
Strafkamer
nr. S 15/00384 B
IF/AJ
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle, van 7 januari 2015, nummer RK 14/1060, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:
[klager], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft mr. N. Velthorst, advocaat te Amsterdam, een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking voor zover het de (impliciete) ongegrondverklaring van het ten aanzien van het motorblok gedane beklag betreft, in zoverre tot zodanige beslissing met betrekking tot verwijzing of terugwijzing als de Hoge Raad gepast zal voorkomen en tot verwerping van het beroep voor het overige.
2 Beoordeling van het middel
Het middel klaagt dat de Rechtbank bij de beoordeling van het klaagschrift, voor zover het het inbeslaggenomen motorblok betreft, zich niet heeft uitgelaten over de vraag of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag daarop vordert.
De Rechtbank heeft het klaagschrift, voor zover dat strekt tot teruggave van de onder de klager inbeslaggenomen motorfiets, merk Suzuki, kenteken [AA-00-BB], gegrond verklaard, met uitzondering van het motorblok. De Rechtbank heeft daartoe het volgende overwogen:
"Het standpunt van de officier van justitie luidt samengevat als volgt.
Het beslag is op juiste gronden gelegd. Er is geen strafvorderlijk belang om het beslag voort te zetten. De motor kan naar klager retour met uitzondering van het motorblok, omdat dat van misdrijf afkomstig is.
(...)
Op grond van de stukken en de behandeling op de zitting stelt de rechtbank het volgende vast.
Maatstaf
Het beklag richt zich tegen een beslag dat is gelegd op grond van artikel 94 Sv. De rechtbank dient daarom a) te beoordelen of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag vordert, en zo neen, b) de teruggave van het inbeslaggenomen voorwerp aan de beslagene te gelasten.
Feiten en omstandigheden
Blijkens een kennisgeving inbeslagneming van 24 juli 2013 is op grond van artikel 94 Sv op 14 april 2010 beslag gelegd op de hiervoor genoemde motor.
(...)
Overwegingen
Klager wenst de inbeslaggenomen voorwerpen terug te krijgen. De officier van justitie is van oordeel dat het belang van strafvordering zich niet meer verzet tegen de gevraagde teruggave van de Suzuki zonder het motorblok. De rechtbank zal daarom de teruggave gelasten."
Blijkens haar hiervoor weergegeven overwegingen heeft de Rechtbank bij de beoordeling van het klaagschrift betrokken of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag vordert en kennelijk - met de Officier van Justitie - geoordeeld dat dit belang zich verzet tegen de teruggave van het motorblok. Het middel mist dus feitelijke grondslag en kan daarom niet tot cassatie leiden.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 februari 2016.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2015:2600 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2018:13 Parket bij de Hoge Raad, 9 januari 2018 (strafrecht)
- ECLI:NL:PHR:2015:2600 Parket bij de Hoge Raad, 24 november 2015 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.