Uitspraak · Civiel recht

Hoge Raad, 11 september 2015

ECLI:NL:HR:2015:2505Zaaknummer 11/04222

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11 september 2015
Publicatiedatum
11 september 2015
Zaaknummer
11/04222
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Recht van eerste koop onroerende zaak. Tijdstip van inroeping.

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweersters] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J. Wortel op 11 september 2015.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het geding in feitelijke instanties
  2. 2 Het geding in cassatie
  3. 3 Beoordeling van de middelen
  4. 4 Beslissing

11 september 2015

Eerste Kamer

11/04222

EV/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[eiser] ,wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: aanvankelijk mr. P. Garretsen, thans mr. K. Aantjes,

t e g e n

De gezamenlijke erven van [betrokkene 1], zijnde:

1. De gezamenlijke erven van wijlen [betrokkene 2]:

- [verweerster 1a], wonende te [woonplaats],

- [verweerster 1b], wonende te [woonplaats],

- [verweerder 1c], wonende te [woonplaats],

- [verweerder 1d], wonende te [woonplaats],

- [verweerster 1e], wonende te [woonplaats],

- [verweerster 1f], wonende te [woonplaats],

2. [verweerster 2],wonende te [woonplaats],

3. [verweerster 3],wonende te [woonplaats],

4. [verweerster 4],wonende te [woonplaats],

5. [verweerster 5],wonende te [woonplaats],

6. [verweerder 6],wonende te [woonplaats],

7. [verweerder 7],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweersters].

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 62906/HA ZA 04-173 van de rechtbank Leeuwarden van 11 augustus 2004, 22 december 2004, 30 maart 2005, 15 maart 2006, 20 december 2006, 24 januari 2007 en 13 mei 2009;

b. het arrest in de zaak 200.042.651/01 van het gerechtshof te Leeuwarden van 19 april 2011.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen [verweersters] is verstek verleend.

De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3 Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweersters] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J. Wortel op 11 september 2015.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.