Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 21 april 2015
ECLI:NL:HR:2015:1106Zaaknummer 14/02074
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 21 april 2015
- Publicatiedatum
- 23 april 2015
- Zaaknummer
- 14/02074
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Herziening
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Herziening. Vervolg op ECLI:NL:HR:2015:218. Afwijzing aanvraag.
5 Beslissing
De Hoge Raad wijst de aanvraag tot herziening af.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en J.W. Ilsink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 april 2015.
Mr. Balkema en mr. Ilsink zijn buiten staat dit arrest te ondertekenen.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
21 april 2015
Strafkamer
nr. 14/02074 H
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op een aanvraag tot herziening van een in kracht van gewijsde gegaan arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 16 december 2010, nummer 21/004326-08, ingediend door mr. M.M.A.J. Goris, advocaat te Almelo, namens:
[aanvrager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1981.
1 De uitspraak waarvan herziening is gevraagd
Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van de Rechtbank Arnhem van 22 oktober 2008 - de aanvrager ter zake van "medeplegen van moord" veroordeeld tot een gevangenisstraf van dertien jaren, welke straf bij arrest van de Hoge Raad van 6 november 2012 is verminderd tot twaalf jaren en zes maanden.
2 De aanvraag tot herziening
De aanvraag tot herziening is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
3 De conclusie van de Advocaat-Generaal
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad de aanvraag zal afwijzen.
De Hoge Raad heeft bij arrest van 3 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:218, de Advocaat-Generaal in de gelegenheid gesteld tot toezending van een afschrift van de door hem aan het dossier toegevoegde stukken aan de raadsvrouwe van de aanvrager.
De raadsvrouwe heeft de aanvraag tot herziening schriftelijk nader toegelicht.
4 Beoordeling van de aanvraag
De aanvraag berust op de stelling dat de brief van de Bulgaarse Officier van Justitie Stefanov van 17 september 2010, waaraan door het Hof bij de verwerping van het verweer dat het in art. 54 van de Schengen Uitvoeringsovereenkomst neergelegde ne bis in idem-beginsel is geschonden doorslaggevende betekenis is toegekend, valselijk is opgemaakt.
Uit de in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 8 weergegeven brief van Hoofdofficier van Justitie Stefanov van 25 november 2014 volgt dat deze stelling onjuist is, zodat de aanvraag feitelijke grondslag mist.
De aanvraag is dus ongegrond en moet ingevolge art. 470 Sv worden afgewezen.
5 Beslissing
De Hoge Raad wijst de aanvraag tot herziening af.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en J.W. Ilsink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 april 2015.
Mr. Balkema en mr. Ilsink zijn buiten staat dit arrest te ondertekenen.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Deze uitspraak verwijst naar
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.