Uitspraak · Belastingrecht
Hoge Raad, 6 december 2013
ECLI:NL:HR:2013:1435Zaaknummer 12/05062
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 6 december 2013
- Publicatiedatum
- 6 december 2013
- Zaaknummer
- 12/05062
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Belastingrecht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
art. 14 EVRM; art. 1 Twaalfde Protocol bij het EVRM; art. 26 IVBPR; art. 14, lid 2, Wet BRV. Tariefsverlaging in de overdrachtsbelasting geldt niet voor grond indien nog geen fundering is gelegd. Geen discriminatie.
5 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.W.C. Feteris als voorzitter, en de raadsheren C. Schaap, P.M.F. van Loon, M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 6 december 2013.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
6 december 2013
nr. 12/05062
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant van 15 februari 2013, nr. AWB 12/718, betreffende een op aangifte voldaan bedrag aan overdrachtsbelasting.
1 Het geding in feitelijke instantie
Belanghebbende heeft ter zake van de verkrijging van een onroerende zaak op aangifte een bedrag aan overdrachtsbelasting voldaan. Belanghebbende heeft tegen de voldoening van dit bedrag bezwaar gemaakt en verzocht om teruggaaf, welk verzoek bij uitspraak van de Inspecteur is afgewezen.
De Rechtbank heeft het tegen die uitspraak ingestelde beroep ongegrond verklaard. De uitspraak van de Rechtbank is aan dit arrest gehecht.
2 Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft bij twee geschriften een conclusie van repliek ingediend.
De Staatssecretaris heeft een conclusie van dupliek ingediend.
De Advocaat-Generaal P.J. Wattel heeft op 26 juli 2013 geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het beroep in cassatie.
3 Beoordeling van de klachten
De klachten van belanghebbende slagen niet op de gronden weergegeven in het heden in de zaak met nummer 12/05060 gewezen arrest, waarvan een kopie aan dit arrest is gehecht.
4 Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.W.C. Feteris als voorzitter, en de raadsheren C. Schaap, P.M.F. van Loon, M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 6 december 2013.
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2013:772 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2013:772 Parket bij de Hoge Raad, 26 juli 2013 (belastingrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.