Uitspraak · Belastingrecht
Hoge Raad, 17 september 2010
ECLI:NL:HR:2010:BL7968Zaaknummer 09/00332
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 17 september 2010
- Publicatiedatum
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 09/00332
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Belastingrecht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Inkomstenbelasting. Art. 7 Wet IB 1964. Etikettering woon-/winkelpand.
De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie ongegrond, en
veroordeelt de Minister van Financiën in de kosten van het geding in cassatie aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op de helft van € 1207,50, derhalve € 603,75, voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Dit arrest is gewezen door de vice-president D.G. van Vliet als voorzitter, en de raadsheren C.B. Bavinck, E.N. Punt, J.A.C.A. Overgaauw en P.M.F. van Loon, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 17 september 2010.
Van de Staat wordt ter zake van het door de Staatssecretaris van Financiën ingestelde beroep in cassatie een griffierecht geheven van € 448.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Nr. 09/00332
17 september 2010
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 12 december 2008, nr. 06/00218, betreffende een aan X te Z (hierna: belanghebbende) opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.
1. Het geding in feitelijke instanties
Aan belanghebbende is voor het jaar 2000 een aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur is verminderd.
De Rechtbank te Breda (nr. AWB 05/2595) heeft het tegen die uitspraak ingestelde beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de Inspecteur vernietigd en de aanslag verminderd.
De Inspecteur heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld bij het Hof. Belanghebbende heeft incidenteel hoger beroep ingesteld.
Het Hof heeft de uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissing omtrent de vergoeding van proceskosten, bevestigd. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
De Staatssecretaris heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Belanghebbende heeft een verweerschrift ingediend.
De Advocaat-Generaal R.E.C.M. Niessen heeft op 16 februari 2010 geconcludeerd tot gegrondverklaring van het beroep in cassatie.
Belanghebbende heeft schriftelijk op de conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
3.1. Het middel stelt de vraag aan de orde of het deel van een splitsbaar, maar juridisch niet in appartementsrechten gesplitst woon-/winkelpand dat bewoond wordt door de belastingplichtige en waarvan vast staat dat het niet in de onderneming wordt gebruikt en daaraan ook niet dienstbaar is, tot het keuzevermogen van de belastingplichtige behoort.
3.2. Bij de beantwoording van de vraag of en in hoeverre een pand deel uitmaakt van het ondernemingsvermogen van een belastingplichtige, is in het algemeen beslissend de wil van die belastingplichtige zoals die in zijn boekhouding of op andere wijze tot uiting is gekomen, tenzij daardoor de grenzen der redelijkheid zouden zijn te buiten gegaan (vgl. HR 20 juni 1962, nr. 14819, BNB 1962/272). Een belastingplichtige overschrijdt de grenzen der redelijkheid door een gedeelte van een juridisch niet in appartementsrechten gesplitst pand tot zijn ondernemingsvermogen te rekenen, indien dat gedeelte zelfstandig rendabel is te maken en vast staat dat het door de belastingplichtige uitsluitend ter voorziening in zijn woonbehoefte zal worden gebruikt en dat het niet op enigerlei wijze dienstbaar zal zijn aan de onderneming. Het middel, dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt derhalve.
4. Proceskosten
De Minister van Financiën zal worden veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. Hierbij wordt in aanmerking genomen dat de zaak met nummer 09/00333 met de onderhavige zaak samenhangt in de zin van het Besluit proceskosten bestuursrecht.
5. Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie ongegrond, en
veroordeelt de Minister van Financiën in de kosten van het geding in cassatie aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op de helft van € 1207,50, derhalve € 603,75, voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Dit arrest is gewezen door de vice-president D.G. van Vliet als voorzitter, en de raadsheren C.B. Bavinck, E.N. Punt, J.A.C.A. Overgaauw en P.M.F. van Loon, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 17 september 2010.
Van de Staat wordt ter zake van het door de Staatssecretaris van Financiën ingestelde beroep in cassatie een griffierecht geheven van € 448.
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2010:BL7968 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:GHAMS:2026:2129 Gerechtshof Amsterdam, 30 juni 2026 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHSHE:2025:2588 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 24 september 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:RBNHO:2025:5414 Rechtbank Noord-Holland, 26 februari 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHSHE:2021:1954 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 24 juni 2021 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHSHE:2019:4057 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 24 oktober 2019 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHARL:2018:8505 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25 september 2018 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHARL:2016:7886 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 4 oktober 2016 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHARL:2016:6958 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 30 augustus 2016 (belastingrecht)
- ECLI:NL:RBGEL:2016:1800 Rechtbank Gelderland, 5 april 2016 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHARL:2015:9564 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 15 december 2015 (belastingrecht)
- ECLI:NL:RBNNE:2015:4736 Rechtbank Noord-Nederland, 13 oktober 2015 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHARL:2015:6569 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 8 september 2015 (belastingrecht)
- ECLI:NL:RBNNE:2014:5807 Rechtbank Noord-Nederland, 27 november 2014 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2014:1772 Gerechtshof Den Haag, 18 maart 2014 (belastingrecht)
- ECLI:NL:PHR:2010:BL7968 Parket bij de Hoge Raad, 17 september 2010 (belastingrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.