Uitspraak · Belastingrecht
Hoge Raad, 3 mei 2000
ECLI:NL:HR:2000:AA5679Zaaknummer 35189
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 3 mei 2000
- Publicatiedatum
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- 35189
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Belastingrecht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
-
5. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is op 3 mei 2000 vastgesteld door de vice president E. Korthals Altes als voorzitter en de raadsheren D.H. Beukenhorst en L. Monné, in tegenwoordig-heid van de waarnemend griffier I. de Bruin, en op die datum in het openbaar uitgesproken.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Nr. 35189
3 mei 2000
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van het Gerechtshof te ‘s-Gravenhage van 8 februari 1999 betreffende de hem voor het jaar 1993 opgelegde aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.
1. Aanslag, bezwaar en geding voor het Hof
Aan belanghebbende is voor het jaar 1993 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd naar een belastbaar inkomen van f 400.000,--. Deze aanslag is, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur verminderd tot een aanslag berekend naar een belastbaar inkomen van f 440.520,--, waarvan een bedrag van f 300.678,-- belast naar het bijzondere tarief van artikel 57, lid 2, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964.
Belanghebbende is van de uitspraak van de Inspecteur in beroep gekomen bij het Hof.
Het Hof heeft die uitspraak vernietigd en de aanslag verminderd tot een aanslag berekend naar een belastbaar inkomen van f 299.193,--, waarvan een bedrag van f 200.678,-- belast naar het bijzondere tarief van vermeld artikel. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een vertoogschrift ingediend.
3. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 101a van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
5. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is op 3 mei 2000 vastgesteld door de vice president E. Korthals Altes als voorzitter en de raadsheren D.H. Beukenhorst en L. Monné, in tegenwoordig-heid van de waarnemend griffier I. de Bruin, en op die datum in het openbaar uitgesproken.
Wetsartikelen in deze uitspraak
- Artikel 10 LB meer uitspraken over dit artikel
- Artikel 101a RO
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.