Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 9 januari 2026

ECLI:NL:GHSHE:2026:903Zaaknummer 20-002379-25

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
9 januari 2026
Publicatiedatum
8 april 2026
Zaaknummer
20-002379-25
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep, Verstek
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Ten aanzien van het bewezenverklaarde:

Veroordeelt de verdachte tot hechtenis voor de duur van 6 (zes) weken.

Bepaalt dat een gedeelte van de hechtenis, groot 3 (drie) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Dit arrest is mondeling gewezen door mr. W.F. Koolen.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 9 januari 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Parketnummer: 20-002379-25
  2. BESLISSING
  3. Veroordeelt de verdachte tot hechtenis voor de duur van 6 (zes) weken.

Parketnummer: 20-002379-25

Uitspraak : 9 januari 2026

VERSTEK

Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof 's-Hertogenbosch, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zitting houdende te Middelburg, van 9 september 2025, in de strafzaak onder parketnummer 96-097038-25 tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1983,

wonende te [adres].

Kwalificatie

Het bewezenverklaarde levert op:

overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.

gepleegd op 27 maart 2025 te Goes.

Toegepaste wetsartikelen

De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b en 14c van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 107 en 177 van de Wegenverkeerswet 1994, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Ten aanzien van het bewezenverklaarde:

Veroordeelt de verdachte tot hechtenis voor de duur van 6 (zes) weken.

Bepaalt dat een gedeelte van de hechtenis, groot 3 (drie) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Dit arrest is mondeling gewezen door mr. W.F. Koolen.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 9 januari 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.