Uitspraak · Burgerlijk procesrecht

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 19 november 2024

ECLI:NL:GHSHE:2024:3626Zaaknummer 200.345.079_01

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
19 november 2024
Publicatiedatum
24 januari 2025
Zaaknummer
200.345.079_01
Rechtsgebied
Civiel recht, Burgerlijk procesrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
's-Hertogenbosch
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

verwijzing naar gerechtshof Den Haag o.g.v. artikel 62b RO

Het hof:

verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt ter verdere behandeling naar het gerechtshof Den Haag.

Dit arrest is gewezen door mrs. S.M.A.M. Venhuizen, E.H. Schulten en

J.M.H. Schoenmakers en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op

19 november 2024.

griffier rolraadsheer

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/319743 / HA ZA 23-287)
  2. 2 Het geding in hoger beroep
  3. 3 De beoordeling
  4. 4 De uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Team Handelsrecht

zaaknummer 200.345.079/01

arrest van 19 november 2024

in de zaak van

[appellant],

wonende te [woonplaats],

appellant,

hierna aan te duiden als [appellant],

advocaat: mr. M.W. Steenpoorte te 's-Hertogenbosch,

tegen

[geïntimeerde],

wonende te [woonplaats],

geïntimeerde,

hierna aan te duiden als [geïntimeerde],

advocaat: mr. K.A. Boshouwers te Utrecht.

op het bij exploot van dagvaarding van 19 augustus 2024 ingeleide hoger beroep van het vonnis van 24 juli 2024, door de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, gewezen tussen [appellant] als eiser en [geïntimeerde] als gedaagde.

1 Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/319743 / HA ZA 23-287)

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.

2 Het geding in hoger beroep

2.1.

Bij voormeld exploot van dagvaarding heeft [appellant] [geïntimeerde] opgeroepen te verschijnen ter openbare terechtzitting van dit hof van 12 november 2024, waarbij in een nog in te dienen memorie van grieven nadere gronden zullen worden aangevoerd ter onderbouwing van de eis en conclusie zoals in de appeldagvaarding vermeld.

2.2.

Bij H2-formulier op de rol van 12 november 2024 heeft mr. K.A. Boshouwers zich gesteld namens [geïntimeerde] en heeft mr. Boshouwers gemeld dat hij raadsheer-plaatsvervanger is bij dit hof. Om die reden verzoekt hij de zaak te verwijzen naar een ander hof.

2.3.

Het hof heeft ambtshalve arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg.

3 De beoordeling

Artikel 62b RO bepaalt dat het gerechtshof een zaak ter verdere behandeling kan verwijzen naar een ander gerechtshof indien naar zijn oordeel door betrokkenheid van het gerechtshof behandeling van die zaak door een ander gerechtshof gewenst is. Mr. Boshouwers is als raadsheer-plaatsvervanger betrokken bij dit hof. Het hof ziet hierin aanleiding om op grond van artikel 62b RO de zaak voor verdere behandeling naar een ander hof te verwijzen. In het daarvoor geldende protocol van gerechtshof ‘s-Hertogenbosch is het gerechtshof Den Haag aangewezen als het hof waarnaar de zaak dient te worden verwezen. Het hof zal de zaak daarom in de stand waarin deze zich bevindt verwijzen naar dat hof ter verdere behandeling.

4 De uitspraak

Het hof:

verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt ter verdere behandeling naar het gerechtshof Den Haag.

Dit arrest is gewezen door mrs. S.M.A.M. Venhuizen, E.H. Schulten en

J.M.H. Schoenmakers en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op

19 november 2024.

griffier rolraadsheer

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.