Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 15 september 2023
ECLI:NL:GHSHE:2023:4244Zaaknummer 20-000096-23
- Instantie
- Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 15 september 2023
- Publicatiedatum
- 20 december 2023
- Zaaknummer
- 20-000096-23
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep.
Aldus gewezen door:
mr. C.P.J. Scheele, voorzitter,
mr. R.G.A. Beaujean en mr. F. van Es, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. C.M. Jutte, griffier,
en op 15 september 2023 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Middelburg, van 5 januari 2023, in de strafzaak met parketnummer 02-222402-22 tegen:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1966,
wonende te [adres].
Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep is verdachte ter zake van telkens diefstal (feiten 1, 2 en 3)
veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden.
Namens de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.
Namens de verdachte is een strafmaatverweer gevoerd. De raadsman van de verdachte heeft het hof daarbij verzocht om te volstaan met de oplegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf gecombineerd met een taakstraf.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis en met de redengeving waarop dit berust. In hetgeen ter terechtzitting in hoger beroep naar voren is gebracht – met name ook ten aanzien van de persoonlijke omstandigheden van de verdachte – ziet het hof geen aanleiding om te komen tot een andersluidende uitspraak.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep.
Aldus gewezen door:
mr. C.P.J. Scheele, voorzitter,
mr. R.G.A. Beaujean en mr. F. van Es, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. C.M. Jutte, griffier,
en op 15 september 2023 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.