Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 24 oktober 2019
ECLI:NL:GHSHE:2019:3886Zaaknummer 20-001774-18
- Instantie
- Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 24 oktober 2019
- Publicatiedatum
- 24 oktober 2019
- Zaaknummer
- 20-001774-18
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte ter zake van – kort weergegeven – poging tot door bedreiging met geweld een ambtenaar dwingen tot het nalaten van een rechtmatige ambtsverrichting, veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 30 uren, subsidiair 15 dagen hechtenis, met aftrek van het voorarrest overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht. Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis en met de redengeving waarop dit berust, met verbetering van een kennelijke verschrijving.
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Aldus gewezen door:
mr. M.J. Grapperhaus, voorzitter,
mr. J.T.F.M. van Krieken en mr. A.C. Bosch, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. C. Schenker, griffier,
en op 24 oktober 2019 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. A.C. Bosch is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Parketnummer: 20-001774-18
Uitspraak: 24 oktober 2019
VERSTEK (dnip)
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats ’s-Hertogenbosch, van 14 mei 2018 in de strafzaak met parketnummer 01-009950-18 tegen:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1965,
[adres].
Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte ter zake van – kort weergegeven – poging tot door bedreiging met geweld een ambtenaar dwingen tot het nalaten van een rechtmatige ambtsverrichting, veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 30 uren, subsidiair 15 dagen hechtenis, met aftrek van het voorarrest overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht.
Van de zijde van de verdachte is tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep en in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep integraal zal bevestigen.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis en met de redengeving waarop dit berust, met verbetering van een kennelijke verschrijving.
Verbetering kennelijke verschrijving
Het hof heeft vastgesteld dat op pagina 8 van het beroepen vonnis ten gevolge van een kennelijke verschrijving abusievelijk de zinsnede ‘ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf’ is weggevallen in de bewezenverklaring tussen de woorden ‘Oss’ en ‘door’. Het hof zal deze evidente verschrijving verbeterd lezen. De verdachte is hierdoor niet in zijn belangen geschaad.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Aldus gewezen door:
mr. M.J. Grapperhaus, voorzitter,
mr. J.T.F.M. van Krieken en mr. A.C. Bosch, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. C. Schenker, griffier,
en op 24 oktober 2019 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. A.C. Bosch is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.