Uitspraak · Civiel recht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 5 december 2017
ECLI:NL:GHSHE:2017:5365Zaaknummer 200.207.291_01
- Instantie
- Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Datum uitspraak
- 5 december 2017
- Publicatiedatum
- 23 mei 2018
- Zaaknummer
- 200.207.291_01
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- 's-Hertogenbosch
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Uitleg levensverzekeringspolis
Het hof:
bepaalt dat partijen in persoon, als het om een rechtspersoon gaat deugdelijk vertegenwoordigd door een persoon die van de zaak op de hoogte is en die tot het treffen van een minnelijke regeling bevoegd is, bijgestaan door hun advocaten op 24 april 2018 om 11.00 uur zullen verschijnen op de zitting van het hof in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan 8 te
's-Hertogenbosch, met de hiervoor onder 3 vermelde doeleinden;
bepaalt dat de advocaat van appellant binnen twee weken na de datum van dit arrest een kopie van het volledige procesdossier in viervoud zal indienen bij het hof;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. J.M. Brandenburg, O.G.H. Milar en J.I.M.W. Bartelds en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 5 december 2017.
griffier rolraadsheer
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Afdeling civiel recht
zaaknummer 200.207.291/01
arrest van 5 december 2017
in de zaak van
[appellant],
wonende te [woonplaats],
appellant,
advocaat: mr. K.A.M.J. Horsch te Valkenburg LB,
tegen
Aegon Levensverzekeringen N.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
geïntimeerde,
advocaat: mr. M. Rijnhart te 's-Gravenhage,
op het bij exploot van dagvaarding van 11 oktober 2016 ingeleide hoger beroep van het vonnis van de kantonrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond van
13 juli 2016, gewezen tussen appellant als eiser en geïntimeerde als gedaagde.
1 Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer 4844716\CV EXPL 16-2119)
Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.
2 Het geding in hoger beroep
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven met producties, tevens eisvermeerdering;
- de memorie van antwoord;
Appellant heeft comparitie gevraagd.
3 De beoordeling
Het hof zal het verzoek om een comparitie van partijen te houden honoreren. De comparitie heeft tot doel informatie uit te wisselen en de stand van zaken in de procedure te bespreken. Tevens kan de comparitie worden benut om een minnelijke regeling te beproeven. Desgewenst kan ter zitting verwijzing van de zaak naar mediation worden besproken. De partijen zullen bij de comparitie in de gelegenheid worden gesteld om de zaak kort toe te lichten. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
4 De uitspraak
Het hof:
bepaalt dat partijen in persoon, als het om een rechtspersoon gaat deugdelijk vertegenwoordigd door een persoon die van de zaak op de hoogte is en die tot het treffen van een minnelijke regeling bevoegd is, bijgestaan door hun advocaten op 24 april 2018 om 11.00 uur zullen verschijnen op de zitting van het hof in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan 8 te
's-Hertogenbosch, met de hiervoor onder 3 vermelde doeleinden;
bepaalt dat de advocaat van appellant binnen twee weken na de datum van dit arrest een kopie van het volledige procesdossier in viervoud zal indienen bij het hof;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. J.M. Brandenburg, O.G.H. Milar en J.I.M.W. Bartelds en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 5 december 2017.
griffier rolraadsheer
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:RBLIM:2016:6066 http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep
- ECLI:NL:GHSHE:2018:2225 http://psi.rechtspraak.nl/tussenuitspraak
Aangehaald in
- ECLI:NL:GHSHE:2018:2225 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 22 mei 2018 (verbintenissenrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.