Uitspraak · Civiel recht

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 3 oktober 2017

ECLI:NL:GHSHE:2017:4193Zaaknummer 200.202.720_01

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
3 oktober 2017
Publicatiedatum
23 mei 2018
Zaaknummer
200.202.720_01
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
's-Hertogenbosch
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

huurrecht; onderhoudsverplichtingen huurder; (buiten)gerechtelijke ontbinding huurovereenkomst; huuropzegging

Het hof:

bepaalt dat partijen in persoon, als het om een rechtspersoon gaat deugdelijk vertegenwoordigd door een persoon die van de zaak op de hoogte is en die tot het treffen van een minnelijke regeling bevoegd is, bijgestaan door hun advocaten op 22 maart 2018 om 9.00 uur zullen verschijnen op de zitting van het hof in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan 8 te 's-Hertogenbosch, met de hiervoor onder 3 vermelde doeleinden;

bepaalt dat de advocaat van appellante binnen twee weken na de datum van dit arrest een kopie van het volledige procesdossier in viervoud zal indienen bij het hof;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. M.G.W.M. Stienissen, M.A. Wabeke en M. van Ham en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 3 oktober 2017.

griffier rolraadsheer

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer 4689571 CV EXPL 15-12663)
  2. 2 Het geding in hoger beroep
  3. 3 De beoordeling
  4. 4 De uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht

zaaknummer 200.202.720/01

arrest van 3 oktober 2017

in de zaak van

[appellante],

wonende te [woonplaats],

appellante,

advocaat: mr. G.J.A. van Dinter te Herten, gemeente Roermond,

tegen

[geïntimeerde],

wonende te [woonplaats],

geïntimeerde,

advocaat: mr. P.H.A. Brauer te Heerlen,

op het bij exploot van dagvaarding van 15 augustus 2016 ingeleide hoger beroep van het vonnis van de kantonrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht van 8 juni 2016, gewezen tussen appellante als eiseres in conventie, verweerster in reconventie en geïntimeerde als gedaagde in conventie, eiser in reconventie.

1 Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer 4689571 CV EXPL 15-12663)

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.

2 Het geding in hoger beroep

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • de dagvaarding in hoger beroep;
  • de memorie van grieven met producties;
  • de memorie van antwoord met producties.

Partijen hebben comparitie gevraagd.

3 De beoordeling

Het hof zal het verzoek om een comparitie van partijen te houden honoreren. De comparitie heeft tot doel informatie uit te wisselen en de stand van zaken in de procedure te bespreken. Tevens kan de comparitie worden benut om een minnelijke regeling te beproeven. Desgewenst kan ter zitting verwijzing van de zaak naar mediation worden besproken. De partijen zullen bij de comparitie in de gelegenheid worden gesteld om de zaak kort toe te lichten. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

4 De uitspraak

Het hof:

bepaalt dat partijen in persoon, als het om een rechtspersoon gaat deugdelijk vertegenwoordigd door een persoon die van de zaak op de hoogte is en die tot het treffen van een minnelijke regeling bevoegd is, bijgestaan door hun advocaten op 22 maart 2018 om 9.00 uur zullen verschijnen op de zitting van het hof in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan 8 te 's-Hertogenbosch, met de hiervoor onder 3 vermelde doeleinden;

bepaalt dat de advocaat van appellante binnen twee weken na de datum van dit arrest een kopie van het volledige procesdossier in viervoud zal indienen bij het hof;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. M.G.W.M. Stienissen, M.A. Wabeke en M. van Ham en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 3 oktober 2017.

griffier rolraadsheer

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.