Uitspraak · Belastingrecht
Gerechtshof Arnhem, 26 mei 1998
ECLI:NL:GHARN:1998:AA1279Zaaknummer M 97/0361
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem
- Datum uitspraak
- 26 mei 1998
- Publicatiedatum
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- M 97/0361
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Belastingrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
-
beslissing:
Het gerechtshof bevestigt de bestreden uitspraak.
Aldus gedaan en in het openbaar uitgesproken op 26 mei 1998 te Arnhem door mr Röben, raadsheer, lid van de vijfde enkelvoudige belastingkamer, in tegenwoordigheid van mr Den Ouden als griffier.
Waarvan opgemaakt dit proces-verbaal.
De griffier,Het lid van de voormelde kamer,
(R. den Ouden)(J.B.H. Röben)
Afschriften zijn aangetekend per post verzonden op 3 juni 1998
Volledige tekst
Gerechtshof Arnhem
vijfde enkelvoudige belastingkamer
nr. M 97/0361
Proces-verbaal mondelinge uitspraak
belanghebbende: *X
woonplaats: *Z
ambtenaar: inspecteur van de Belastingdienst/Centraal bureau motorrijtuigenbelasting
aangevallen beslissing: uitspraak op bezwaar
soort belasting: motorrijtuigenbelasting
aanslagnummer: *
mondelinge behandeling: op 12 mei 1998 te Arnhem door mr Röben, raadsheer, in tegenwoordigheid van mr Den Ouden, als griffier
waarbij verschenen: belanghebbende en de inspecteur
gronden:
1. Op 31 oktober 1995 is geconstateerd dat met het motorrijtuig met kenteken *aa te *Z gebruik van de weg is gemaakt.
Belanghebbende was sedert 2 november 1989 houdster van dit motorrijtuig.
2. Ten tijde van de controle was de geldigheid van het kenteken geschorst.
3. De inspecteur heeft terecht met toepassing van artikel 35 van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 (hierna: de wet) de verschuldigde belasting nageheven en deze met toepassing van artikel 37, onderdeel a, van de wet verhoogd met 100 percent.
4. Aan de juistheid van de naheffingsaanslag kan niet afdoen, dat het onjuist gebruik van de schorsingsregeling van korte duur is geweest.
5. De inspecteur heeft niet gehandeld in strijd met enig beginsel van behoorlijk bestuur door van de vastgestelde verhoging geen kwijtschelding te verlenen.
6. Het enkele feit dat belanghebbende een WAO-uitkering geniet rechtvaardigt niet dat de verhoging (deels) moet worden kwijtgescholden.
7. Het beroep van belanghebbende is niet gegrond.
proceskosten:
Het hof acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
beslissing:
Het gerechtshof bevestigt de bestreden uitspraak.
Aldus gedaan en in het openbaar uitgesproken op 26 mei 1998 te Arnhem door mr Röben, raadsheer, lid van de vijfde enkelvoudige belastingkamer, in tegenwoordigheid van mr Den Ouden als griffier.
Waarvan opgemaakt dit proces-verbaal.
De griffier,Het lid van de voormelde kamer,
(R. den Ouden)(J.B.H. Röben)
Afschriften zijn aangetekend per post verzonden op 3 juni 1998
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.