Uitspraak · Civiel recht

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 17 februari 2026

ECLI:NL:GHARL:2026:975Zaaknummer 200.333.184/01

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
17 februari 2026
Publicatiedatum
26 februari 2026
Zaaknummer
200.333.184/01
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Hoger beroep, Tussenuitspraak
Zittingsplaats
Leeuwarden
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Voorlopige regeling in het kader van vereffening en verdeling. Tussenarrest.

Het hof

bepaalt dat het tweemaal genoemde geldbedrag van € 20.000,- in randnummer 5.5. van het arrest van 16 december 2025 een bedrag exclusief btw is;

bepaalt dat het eenmaal genoemde geldbedrag van € 5.000,- in randnummer 5.6 van het dictum van het arrest van 16 december 2025 een bedrag exclusief btw is;

gelast [appellant] en [geïntimeerde] op de rolzitting van 24 maart 2026 over te leggen:

-een boedelbeschrijving van vof Compagner per heden;

-de overeenkomstig de in artikel 10 van de vof overeenkomst beschreven procedure vastgestelde balans en de winst- en verliesrekeningen (jaarstukken) vanaf 2010 tot heden;

verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. D.H. de Witte, O.E. Mulder en A.A.J. Smelt, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op

17 februari 2026.

Volledige tekst

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden, afdeling civiel

zaaknummer gerechtshof 200.333.184/01

(zaaknummer rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle 210483)

arrest van 17 februari 2026

in de zaak van

[appellant],

die woont in [woonplaats],

die hoger beroep heeft ingesteld

en bij de rechtbank optrad als eiser in conventie en verweerder in reconventie,

hierna: [appellant],

advocaat: mr. J.M. van Rongen,

tegen

[geïntimeerde],

die woont in [woonplaats]

en bij de rechtbank optrad als gedaagde in conventie en eiser in reconventie,

hierna: [geïntimeerde],

advocaat: mr. A.A. Bos.

1. Verzoek of bedragen in bevoegdheidsregeling en informatieverplichting inclusief of exclusief btw zijn

Het hof heeft in deze zaak op 16 december 2025 arrest[_1d17d00f-99e0-46ab-8b40-b4661fb52bcb] gewezen. In dat arrest heeft het hof in het dictum onder rechtsoverweging 5.5 en 5.6 ordemaatregelen genoemd hangende de vereffening en de verdeling.

In het H16 formulier van 22 december 2025 heeft mr. Van Rongen namens [appellant] het hof verzocht aan te geven of de bedragen in de ordemaatregelen inclusief of exclusief btw zijn.

[geïntimeerde] is in de gelegenheid gesteld op dit verzoek te reageren, van welke gelegenheid zijn raadsman mr. Bos met een H16 formulier van 27 januari 2026 gebruik heeft gemaakt. [geïntimeerde] refereert zich aan het oordeel van het hof.

2 Beoordeling

In het arrest van 16 december 2025 is niet aangegeven of de bedragen van € 20.000,- en € 5.000,-, zoals genoemd in het dictum onder randnummers 5.5 en 5.6 van het arrest, exclusief of inclusief btw zijn.

[appellant] heeft er terecht op gewezen dat het hof eerder in het kader van de beoordeling van de bevoegdheidsregeling in artikel 6 van de vennootschapsovereenkomst heeft beslist dat het daarin genoemde bedrag exclusief btw is.

Het hof heeft van die eerdere lijn in het arrest van 16 december 2025 niet willen afwijken. Dit betekent dat de genoemde bedragen exclusief btw zijn. Het hof zal voor alle duidelijkheid dit expliciet aangegeven. De ordemaatregelen moeten in die zin gelezen worden.

3 Beslissing

Het hof

bepaalt dat het tweemaal genoemde geldbedrag van € 20.000,- in randnummer 5.5. van het arrest van 16 december 2025 een bedrag exclusief btw is;

bepaalt dat het eenmaal genoemde geldbedrag van € 5.000,- in randnummer 5.6 van het dictum van het arrest van 16 december 2025 een bedrag exclusief btw is;

gelast [appellant] en [geïntimeerde] op de rolzitting van 24 maart 2026 over te leggen:

-een boedelbeschrijving van vof Compagner per heden;

-de overeenkomstig de in artikel 10 van de vof overeenkomst beschreven procedure vastgestelde balans en de winst- en verliesrekeningen (jaarstukken) vanaf 2010 tot heden;

verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. D.H. de Witte, O.E. Mulder en A.A.J. Smelt, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op

17 februari 2026.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.