Uitspraak · Strafprocesrecht

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 13 oktober 2026

ECLI:NL:GHARL:2026:6909Zaaknummer 21-000509-25

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
13 oktober 2026
Publicatiedatum
27 oktober 2026
Zaaknummer
21-000509-25
Rechtsgebied
Strafrecht, Strafprocesrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Arnhem
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Agente heeft geschoten op een (wegrijdende) auto. Bewezenverklaring poging doodslag. Ontslag van alle rechtsvervolging omdat het handelen van de agente conform de geweldsinstructie was. De Blauwe Kamer van het hof bevestigt het vonnis van de rechtbank met aanvulling van gronden. Het hof is van oordeel dat uit de overwegingen van de rechtbank blijkt dat er voldoende rekening is gehouden met objectieve feiten en omstandigheden die de subjectieve beleving van verdachte ondersteunen.

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.

Dit arrest is gewezen door mr. R.H. Koning, mr. M.J. Vos en mr. A.J. de Haan, in aanwezigheid van de griffier mr. M.E. Ruiter en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 13 oktober 2026.

mr. A.J. de Haan is buiten staat dit arrest te ondertekenen.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Hoger beroep
  2. Onderzoek van de zaak
  3. Het vonnis
  4. BESLISSING

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 21-000509-25

Uitspraakdatum: 13 oktober 2026

TEGENSPRAAK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de Rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Utrecht, van 27 januari 2025 met parketnummer 10-045526-24 in de strafzaak tegen

DE GEDAGVAARDE VERDACHTE,

van wie de persoonsgegevens zijn geverifieerd door het hof,

domicilie kiezende te [adres].

Hoger beroep

De officier van justitie heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de Rechtbank Midden-Nederland.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 29 september 2026 en het onderzoek op de terechtzitting bij de rechtbank.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overhandigd.

Verder heeft het hof kennisgenomen van wat verdachte en haar raadsman, mr. F.A. Dudok van Heel, hebben aangevoerd.

Het hof heeft ook kennisgenomen van wat er namens de benadeelde partijen [benadeelde 1], [benadeelde 2] en [benadeelde 3], door mr. K. el Mhamdi is aangevoerd.

Het vonnis

De rechtbank heeft bij vonnis van 27 januari 2025 bewezenverklaard dat verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan. De rechtbank heeft voorts verklaard dat verdachte niet strafbaar is en heeft haar daarom ontslagen van alle rechtsvervolging

Het hof is van oordeel dat de Rechtbank Midden-Nederland op goede gronden en juiste wijze heeft beslist. Het hof zal het vonnis, zij het met aanvulling van de gronden op de wijze zoals hierna is vermeld, daarom bevestigen.

Aanvulling van de gronden

De advocaat-generaal heeft in hoger beroep aangevoerd dat de rechtbank in eerste aanleg te veel de nadruk heeft gelegd op de subjectieve beleving van verdachte. Het hof deelt deze visie niet en is met de raadsman van oordeel dat uit de overwegingen van de rechtbank blijkt dat er voldoende rekening is gehouden met objectieve feiten en omstandigheden die de subjectieve beleving van verdachte ondersteunen.

BESLISSING

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.

Dit arrest is gewezen door mr. R.H. Koning, mr. M.J. Vos en mr. A.J. de Haan, in aanwezigheid van de griffier mr. M.E. Ruiter en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 13 oktober 2026.

mr. A.J. de Haan is buiten staat dit arrest te ondertekenen.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.