Uitspraak · Civiel recht

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 3 februari 2026

ECLI:NL:GHARL:2026:631Zaaknummer 200.363.461

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
3 februari 2026
Publicatiedatum
12 maart 2026
Zaaknummer
200.363.461
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Arnhem
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Gerechtshof verwijst zaak ter verdere behandeling naar ander gerechtshof, omdat een van partijen een naast familielid is van een raadsheer. Artikel 62b Wet op de rechterlijke organisatie.

Het hof:

verwijst de zaak ter verdere behandeling naar het gerechtshof Amsterdam.

Dit arrest is gewezen door mrs. J.H. Lieber, M.L. van der Bel en S.C.P. Giesen, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 3 februari 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 [appellant1] ( [A] )
  2. 1 [geïntimeerde1] ( [C] )
  3. 1 Het verloop van de procedure in hoger beroep
  4. 2 De toelichting op de beslissing van het hof
  5. 3 3. De beslissing

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Arnhem

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.363.461

zaaknummer rechtbank Midden-Nederland C/16/580199 / HA ZA 24-435

arrest van 3 februari 2026

in de zaak van

1 [appellant1] ( [A] )

2. [appellante2] ( [B])

die wonen in [woonplaats]

advocaat: mr. K. Dirlik

en

1 [geïntimeerde1] ( [C] )

die woont in [woonplaats]

2. [geïntimeerde2] B.V. ( [D])

die is gevestigd in [vestigingsplaats], gemeente [gemeentenaam]

advocaat: mr. A.N. Broekhoven

1 Het verloop van de procedure in hoger beroep

1.1

[A] en [B] hebben hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (hierna: het hof) tegen het vonnis dat de rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Utrecht, op 23 juli 2025 tussen partijen heeft uitgesproken. Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit:

  • de dagvaarding in hoger beroep
  • het aanbrengen van de zaak bij dit hof door [A] en [B].
1.2

Het hof beslist vandaag dat de zaak moet worden verwezen en licht dat hierna toe.

2 De toelichting op de beslissing van het hof

2.1

Het hof heeft kennis genomen van het feit dat één persoon van de twee personen die hoger beroep hebben ingesteld een naast familielid is van een raadsheer in dit hof. Daardoor is het hof betrokken bij deze zaak en is het wenselijk dat het hof deze zaak naar een ander gerechtshof verwijst ter verdere behandeling.

2.2

Het hof zal op grond van artikel 62b van de Wet op de rechterlijke organisatie de zaak voor verdere behandeling verwijzen naar het gerechtshof Amsterdam. Dat gerechtshof is voor dit doel aangewezen in het Zaaksverdelingsreglement van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, gepubliceerd in Staatscourant 2014, 11037.

3 3. De beslissing

Het hof:

verwijst de zaak ter verdere behandeling naar het gerechtshof Amsterdam.

Dit arrest is gewezen door mrs. J.H. Lieber, M.L. van der Bel en S.C.P. Giesen, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 3 februari 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.