Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 18 oktober 2017
ECLI:NL:GHARL:2017:9078Zaaknummer 21-005454-16
- Instantie
- Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Datum uitspraak
- 18 oktober 2017
- Publicatiedatum
- 19 oktober 2017
- Zaaknummer
- 21-005454-16
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep, Beschikking
- Zittingsplaats
- Arnhem
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Hof Arnhem-Leeuwarden verwijst de zaak “Baby Jairo” naar het gerechtshof Amsterdam wegens betrokkenheid van een of meer medewerkers van de centrale informatiebalie en in het bijzonder van de medewerker die als verdachte van valsheid in geschrift is aangemerkt bij het instellen van hoger beroep tegen het vonnis van 26 juni 2013.
Het hof:
Verwijst de zaak ter verdere behandeling naar het gerechtshof Amsterdam.
Aldus gewezen door
mr. M. Keppels, voorzitter,
mr. K.J.C. Geeve en mr. N.C. van Lookeren Campagne, raadsheren,
in tegenwoordigheid van B.J. Berendsen, griffier,
en op 18 oktober 2017 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. K.J.C. Geeve is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.
Proces-verbaal van het in dezelfde zaak voorgevallene ter openbare terechtzitting van het gerechtshof van 18 oktober 2017.
Tegenwoordig:
mr. C.M.E. Lagarde, voorzitter,
M. van Leent, advocaat-generaal,
J.R.M. Roetgerink, griffier.
De voorzitter doet de zaak uitroepen.
De verdachte is niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig.
De voorzitter spreekt de beslissing uit.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-005454-16
Uitspraak d.d.: 18 oktober 2017
TEGENSPRAAK
Verwijzingsbeslissing van de meervoudige kamer voor strafzaken
genomen in het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Gelderland van 3 oktober 2016 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken, parketnummers 05-900919-10 en 05-740129-16, tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1990,
wonende te [woonplaats].
Overwegingen
Het hof heeft bij beslissing van heden in de strafzaak tegen de medeverdachte [medeverdachte] de zaak op grond van artikel 62b van de Wet op de rechterlijke organisatie voor de verdere behandeling verwezen naar het gerechtshof Amsterdam. Gelet op de samenhang van deze zaak met de zaak van de medeverdachte, acht het hof het wenselijk dat ook deze zaak naar het gerechtshof Amsterdam wordt verwezen.
Het hof zal de zaak daarom op grond van artikel 62b van de Wet op de rechterlijke organisatie voor de verdere behandeling naar het gerechtshof Amsterdam verwijzen.
BESLISSING
Het hof:
Verwijst de zaak ter verdere behandeling naar het gerechtshof Amsterdam.
Aldus gewezen door
mr. M. Keppels, voorzitter,
mr. K.J.C. Geeve en mr. N.C. van Lookeren Campagne, raadsheren,
in tegenwoordigheid van B.J. Berendsen, griffier,
en op 18 oktober 2017 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. K.J.C. Geeve is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.
Proces-verbaal van het in dezelfde zaak voorgevallene ter openbare terechtzitting van het gerechtshof van 18 oktober 2017.
Tegenwoordig:
mr. C.M.E. Lagarde, voorzitter,
M. van Leent, advocaat-generaal,
J.R.M. Roetgerink, griffier.
De voorzitter doet de zaak uitroepen.
De verdachte is niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig.
De voorzitter spreekt de beslissing uit.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:RBGEL:2016:5228 http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep
Aangehaald in
- ECLI:NL:RBGEL:2016:5228 Rechtbank Gelderland, 3 oktober 2016 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.