Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof Amsterdam, 14 oktober 2026

ECLI:NL:GHAMS:2026:3025Zaaknummer 23-001180-23

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
14 oktober 2026
Publicatiedatum
26 oktober 2026
Zaaknummer
23-001180-23
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

UNUS-arrest. Bevestiging van het vonnis, behalve t.a.v. de straf. GB van €300,00, 3 dagen VVH, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. Toewijzen vordering BP, €500,00 + wettelijke rente + schadevergoedingsmaatregel.

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde geldboete en doet in zoverre opnieuw recht.

Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 300,00 (driehonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 3 (drie) dagen hechtenis.

Bepaalt dat de geldboete niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.

Gewezen door mr. N.E. Kwak, in bijzijn van M. de Boers, griffier.

mr. N.E. Kwak

Volledige tekst

afdeling strafrecht

parketnummer eerste aanleg: 15-228449-22

parketnummer hoger beroep: 23-001180-23

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 14 oktober 2026 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 5 april 2023 in de zaak tegen de verdachte:

naam: [verdachte]

voornamen: [verdachte]

geboren: op [geboortedag] 1958 te [geboorteplaats] ( [geboorteland])

adres: [adres].

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24c, 36f en 310 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde geldboete en doet in zoverre opnieuw recht.

Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 300,00 (driehonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 3 (drie) dagen hechtenis.

Bepaalt dat de geldboete niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige.

Gewezen door mr. N.E. Kwak, in bijzijn van M. de Boers, griffier.

mr. N.E. Kwak

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.