Uitspraak · Ondernemingsrecht

Gerechtshof Amsterdam, 6 maart 2025

ECLI:NL:GHAMS:2025:897Zaaknummer 200.345.625/01 OK

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
6 maart 2025
Publicatiedatum
13 mei 2025
Zaaknummer
200.345.625/01 OK
Rechtsgebied
Civiel recht, Ondernemingsrecht
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Ondernemingskamer; enquêterecht; benoemingsbeschikking onderzoeker

3 De beslissing

De Ondernemingskamer:

wijst aan als onderzoeker zoals bedoeld in de hiervoor genoemde beschikking van 12 december 2024 in deze zaak: mr. M.R. van Zanten te Amsterdam;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.W.H. Vink, voorzitter, mr. M.M.M. Tillema, mr. J.M. de Jongh, raadsheren, en prof. dr. mr. S. ten Have en prof. dr. mr. A.J.C.C.M. Loonen, raden, in tegenwoordigheid van mr. G.M.C. van Breukelen, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 6 maart 2025.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van het geding
  2. 2 De gronden van de beslissing
  3. 3 De beslissing

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummer: 200.345.625/01 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 6 maart 2025

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[vennootschap A],

gevestigd te [plaats],

VERZOEKSTER,

advocaten: mrs. E.E.U. Vroom, T.A.A.M. van Kemenade en S.A.J. Hulsink, kantoorhoudende te Amsterdam,

t e g e n

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[vennootschap B],

gevestigd te [plaats],

VERWEERSTER,

niet verschenen,

e n t e g e n

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid naar Duits recht

[vennootschap C],

gevestigd te [plaats],

BELANGHEBBENDE,

advocaten: mrs. A. Rossielle, J. van Borssum Waalkens en T.W.J. Vankan, kantoorhoudende te Amsterdam.

Verzoekster, verweerster en belanghebbende worden hierna respectievelijk aangeduid als [vennootschap A], [vennootschap B] en [vennootschap C].

1 Het verloop van het geding

1.1

Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikking van 12 december 2024 in deze zaak.

1.2

Bij die beschikking heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van [vennootschap B] over de periode vanaf 1 januari 2021 en een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Daarnaast heeft zij bij die beschikking, bij wijze van onmiddellijke voorziening met onmiddellijke ingang, vooralsnog voor de duur van de procedure en voor zover nodig in afwijking van de statuten bepaald dat een nieuwe bestuurder van [vennootschap B] niet kan worden benoemd zonder dat [vennootschap A] – zo lang zij aandeelhouders is van [vennootschap B] – daarmee instemt.

1.3

Bij brief van 26 februari 2025 heeft mr. Vroom namens [vennootschap A] de Ondernemingskamer verzocht (alsnog) een onderzoeker aan te wijzen.

2 De gronden van de beslissing

2.1

De Ondernemingskamer zal thans de hierna te vermelden persoon aanwijzen als onderzoeker, een en ander zoals bedoeld in de hiervoor genoemde beschikking van 12 december 2024.

3 De beslissing

De Ondernemingskamer:

wijst aan als onderzoeker zoals bedoeld in de hiervoor genoemde beschikking van 12 december 2024 in deze zaak: mr. M.R. van Zanten te Amsterdam;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.W.H. Vink, voorzitter, mr. M.M.M. Tillema, mr. J.M. de Jongh, raadsheren, en prof. dr. mr. S. ten Have en prof. dr. mr. A.J.C.C.M. Loonen, raden, in tegenwoordigheid van mr. G.M.C. van Breukelen, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 6 maart 2025.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.