Uitspraak · Strafprocesrecht

Gerechtshof Amsterdam, 19 september 2018

ECLI:NL:GHAMS:2018:3651Zaaknummer 13/665184-18

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
19 september 2018
Publicatiedatum
20 november 2018
Zaaknummer
13/665184-18
Rechtsgebied
Strafrecht, Strafprocesrecht
Procedure
Hoger beroep, Raadkamer
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Voorlopige hechtenis; geen schending van het gelijkheidsbeginsel.

Het hof:

WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking, voor zover thans nog aan de orde.

Deze beschikking is gegeven op 19 september 2018 in raadkamer van dit hof door

mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,

mrs. A.M. Ruige en A. Beijer, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. S. Grote Ganseij als griffier.

De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.

Amsterdam, 19 september 2018,

de advocaat-generaal

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. De feiten en de rechtsgang
  2. De beoordeling
  3. De beslissing

GERECHTSHOF AMSTERDAM,

MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER

BESCHIKKING in raadkamer op het hoger beroep in de zaak van

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983,

ingeschreven op het adres: [adres],

thans verblijvende in het huis van bewaring PI Noord Holland Noord - HvB Zwaag te Zwaag,

tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 27 augustus 2018, houdende bevel tot verlenging van de geldigheidsduur van zijn gevangenhouding en afwijzing van het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis. De raadsman heeft het hoger beroep bij de behandeling in raadkamer beperkt tot de afwijzing van het verzoek tot schorsing.

De feiten en de rechtsgang

Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Amsterdam van 29 augustus 2018, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld tegen voormelde beschikking van die rechtbank.

Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep, voor zover thans nog aan de orde, en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman mr. I. Baardman.

De beoordeling

Het hof verenigt zich met de beschikking waarvan beroep, voor zover thans nog aan de orde, en de gronden waarop deze berust.

Met betrekking tot het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis geldt dat dit verzoek moet worden afgewezen, omdat hetgeen is aangevoerd onvoldoende is om het belang dat de verdachte heeft bij zijn invrijheidstelling te laten prevaleren boven de gewichtige redenen van maatschappelijke veiligheid.

De enkele omstandigheid dat de voorlopige hechtenis van een medeverdachte onlangs wel door het hof is geschorst maakt voorts dat er geen sprake is van een schending van het gelijkheidsbeginsel nu het hof onvoldoende is gebleken van rechtens relevante gelijke gevallen.

De beslissing

Het hof:

WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking, voor zover thans nog aan de orde.

Deze beschikking is gegeven op 19 september 2018 in raadkamer van dit hof door

mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,

mrs. A.M. Ruige en A. Beijer, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. S. Grote Ganseij als griffier.

De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.

Amsterdam, 19 september 2018,

de advocaat-generaal

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.