Uitspraak · Civiel recht

Gerechtshof Amsterdam, 17 april 2018

ECLI:NL:GHAMS:2018:1292Zaaknummer 200.200.989/01

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
17 april 2018
Publicatiedatum
11 januari 2019
Zaaknummer
200.200.989/01
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

tussenbeschikkingl. Zie ECLI:NL:GHAMS:2018:115, ECLI:NL:GHAMS:2018:301, ECLI:GHAMS:2018:3104, ECLI:NL:GHAMS:2019:12.

3 Beslissing

verzoekt de Hoge Raad de behandeling van de in de beschikking van 16 januari 2018 geformuleerde vragen te hervatten;

verzoekt de griffier een afschrift van deze beschikking te sturen aan de griffier van de Hoge Raad (civiele griffie);

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gegeven door mrs. R.J.F. Thiessen, G.C. Boot en I.A. Haanappel-van der Burg en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 17 april 2018.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
  2. 2 De verdere beoordeling
  3. 3 Beslissing

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I

zaaknummer: 200.200.989/01

zaaknummer rechtbank Amsterdam: 5082902 EA VERZ 16-552

en 5082998 EA VERZ 16-553

beschikking van de meervoudige burgerlijke kamer van 17 april 2018

inzake

AMSTERDAM MEAT COMPANY AMECO B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

appellante in principaal appel, tevens verweerster in incidenteel appel,

advocaat: mr. C.I.M. Molenaar te Volendam,

tegen

[geïntimeerde],

wonend te [woonplaats],

geïntimeerde in principaal appel, tevens appellant in incidenteel appel,

advocaat: mr. S. Karakaya-Pilavci te Leusden.

1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

Partijen worden hierna Ameco en [geïntimeerde] genoemd.

Bij beschikking van 30 januari 2018 heeft het hof partijen in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over hetgeen is verwoord in de rechtsoverwegingen 3.8.1 tot en met 3.8.5 van zijn beschikking van 16 januari 2018.

Bij brief van 23 februari 2018 (met bijlage) respectievelijk bij akte van 27 februari 2018 hebben partijen zich uitgelaten.

Partijen hebben vervolgens op elkaars uitlating gereageerd.

2 De verdere beoordeling

2.1.

Hetgeen partijen naar voren hebben gebracht, geeft het hof geen aanleiding terug te komen van het stellen van de in zijn beschikking van 16 januari 2018 geformuleerde prejudiciële vragen.

2.2.

Het hof zal de Hoge Raad daarom verzoeken de behandeling van de vraagstelling zoals geformuleerd in de beschikking van 16 januari 2018 te hervatten.

3 Beslissing

verzoekt de Hoge Raad de behandeling van de in de beschikking van 16 januari 2018 geformuleerde vragen te hervatten;

verzoekt de griffier een afschrift van deze beschikking te sturen aan de griffier van de Hoge Raad (civiele griffie);

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gegeven door mrs. R.J.F. Thiessen, G.C. Boot en I.A. Haanappel-van der Burg en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 17 april 2018.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.