Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof Amsterdam, 30 november 2016

ECLI:NL:GHAMS:2016:5316Zaaknummer 1956-16

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
30 november 2016
Publicatiedatum
19 december 2016
Zaaknummer
1956-16
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Raadkamer
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Voorlopige hechtenis: ernstige bezwaren. Schorsingsverzoek afgewezen.

Het hof:

WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.

WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.

Deze beschikking is gegeven op 30 november 2016 in raadkamer van dit hof door

mr. M. Iedema, voorzitter,

mrs. N.R.A. Meerbeek en J.H. Wesselink, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. A.F. van der Heide als griffier.

De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.

Amsterdam, 30 november 2016,

de advocaat-generaal

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. De feiten en de rechtsgang
  2. De beoordeling
  3. De beslissing

15-800395-16

GERECHTSHOF AMSTERDAM,

MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER

BESCHIKKING in raadkamer op het hoger beroep in de zaak van

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1981,

wonende te [geboortedag],

thans verblijvende in het huis van bewaring PI Flevoland - HvB Almere Binnen te Almere,

tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar van 2 november 2016, voor zover houdende bevel tot verlenging van de geldigheidsduur van zijn gevangenhouding.

De feiten en de rechtsgang

Het hof heeft kennisgenomen van de akte van de griffier van de rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar van 4 november 2016, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld van voormelde beschikking van die rechtbank.

Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep en heeft kennisgenomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman mr. P.A.J. van Putten.

De beoordeling

Het hof verenigt zich met de beschikking waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en de gronden waarop deze berust.

Gelet op hetgeen in het proces-verbaal van bevindingen van 18 september 2016 met betrekking tot het aantreffen van de kentekenplaat is vermeld in samenhang bezien met het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige] en het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1], is het hof van oordeel dat er ten aanzien van feit 3 meer subsidiair ernstige bezwaren zijn.

Uit het dossier blijken tevens voldoende ernstige bezwaren ten aanzien van feit 4, zoals onder meer blijkt uit het proces-verbaal van bevindingen van 6 oktober 2016 en het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2]. Daaruit valt onder meer af te leiden dat de in de woning van de verdachte aangetroffen jas met opvallende kenmerken op een foto wordt herkend als de jas die de dader tijdens de overval droeg.

Uit het door de raadsman in raadkamer overgelegde rapport van de reclassering van 22 november 2016 volgt dat een langdurig verblijf in een kliniek, gevolgd door een periode van een verblijf in een passende woonvorm, is geïndiceerd. De GGZ Reclassering Palier is van mening dat dat in het kader van een onvoorwaardelijke ISD-maatregel dient te worden gerealiseerd. Gelet hierop is het hof van oordeel dat het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte moet worden afgewezen. Het hof realiseert zich dat al in gang gezette trajecten hierdoor kunnen worden doorkruist en dat de verdachte zijn woning kan kwijtraken. Het maatschappelijk belang van het voorkomen van strafbare feiten moet echter nu de voorrang krijgen boven de persoonlijke belangen van de verdachte.

15-800395-16

De beslissing

Het hof:

WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.

WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.

Deze beschikking is gegeven op 30 november 2016 in raadkamer van dit hof door

mr. M. Iedema, voorzitter,

mrs. N.R.A. Meerbeek en J.H. Wesselink, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. A.F. van der Heide als griffier.

De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.

Amsterdam, 30 november 2016,

de advocaat-generaal

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.