Uitspraak · Socialezekerheidsrecht
Centrale Raad van Beroep, 8 april 2026
ECLI:NL:CRVB:2026:471Zaaknummer 25/734 ANW-V
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Datum uitspraak
- 8 april 2026
- Publicatiedatum
- 29 april 2026
- Zaaknummer
- 25/734 ANW-V
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Verzet
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
De Raad verklaart het verzet ongegrond. Verzoekster heeft in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat zij niet in verzuim is geweest.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door R.W.L. Koopmans, in tegenwoordigheid van D. Semiz als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 april 2026.
(getekend) R.W.L. Koopmans
(getekend) D. Semiz
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
25/734 ANW-V
Uitspraak op het verzet in verband met het verzoek om herziening van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 27 november 2024, CRvB 23/1847 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[verzoeksters] te Marokko (verzoekster)
de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank (Svb)
Datum uitspraak: 8 april 2026
PROCESVERLOOP
In de uitspraak van 26 september 2025 heeft de Raad het door verzoekster ingestelde verzoek om herziening tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet is betaald.
Verzoekster heeft verzet gedaan.
Het verzet is op 23 maart 2026 ter zitting behandeld. Partijen zijn niet ter zitting verschenen.
OVERWEGINGEN
In verzet stelt verzoekster dat zij weduwe is en haar overleden echtgenoot een ouderdomspensioen en AOW-uitkering heeft. Verzoekster vraagt of wij haar situatie willen onderzoeken zodat appellante een nabestaanden ANW-uitkering kan krijgen.
De Raad is van oordeel dat verzoekster in verzet geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat zij niet in verzuim is geweest.
Dit betekent dat het verzet ongegrond wordt verklaard.
Voor een proceskostenveroordeling van het verzet is geen aanleiding.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door R.W.L. Koopmans, in tegenwoordigheid van D. Semiz als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 april 2026.
(getekend) R.W.L. Koopmans
(getekend) D. Semiz
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.